Tagarchief: Gambia

Beeld van een blogger (14) – Ik wil alleen maar zwemmen!

(14)
Tijdens m’n reis naar het Land van Maas en Waal passeert de trein een aantal slaperige stationnetjes, door het raam flitst een groene lappendeken met hier en daar plukjes koeien en paarden voorbij. Ik ben benieuwd hoe deze ontmoeting zal verlopen, voor het eerst ga ik naar een jarige blogger toe en zal ik ook haar familie en een paar vrienden ontmoeten. Als ik met weekendtas en laptop om m’n nek het station uitloop zie ik een vrouw staan bij de bushalte. We begroeten elkaar, het is inderdaad Suiker. Ik stap bij haar in de auto en we gaan op weg naar de camping waar ze al vaker over heeft geschreven. Binnen word ik verwelkomd door de hele familie, vier kinderen plus aanhang en ex-man, zelfs Koko, de grijze roodstaartpapegaai doet een duit in het zakje. Het is even een beetje onwennig tussen allemaal vreemden, maar iedereen is hartelijk en ik besluit het gewoon over me heen te laten komen. Leuk zo’n druk, hecht gezin, ik kijk er met enige verwondering en vertedering naar, ik kom zelf uit een heel ander nest.



Na een paar koppen thee
brengt Suiker me naar het Bed & Breakfast waar ik die nacht zal slapen. Mooie, ruime kamer, ik pak m’n spullen uit en check nog even inkomende mail en tweets op m’n laptop. De camping ligt gelukkig vlakbij, op m’n gemak loop ik weer terug en let op of ik onderweg geen loslopende honden tegenkom. Inmiddels is het gezelschap uitgebreid en even later arriveert ook C., een goede vriend. Een opvallende man met lieve ogen waar ik al snel mee aan de praat raak over dierenwelzijn en biologische veeteelt.  Hij is momenteel bezig in Gambia met het opzetten van een landbouwproject. Hét moment ook om even in de schuur te gaan kijken waar ik samen met middelste zoon B. en vriend de witte en zwarte Suiker-kuikens bewonder die onder de warmtelamp ronddartelen.

Op de tafel staan allerlei lekkere hapjes uitgestald, ik besmeer een stokbroodje en praat ondertussen met dochter M. Ze vertelt over de précampingperiode toen ze nog in een rijtjeshuis in Doetinchem woonden, kijkt me lachend aan en zegt, ‘we zijn ook normaal geweest, hoor!’ Rond elven besluit het hele gezelschap naar een kroeg in de buurt te gaan, ik stap bij Suiker in de auto. Het valt me op dat er vooral mannen aanwezig zijn. Later verkassen we naar het café van Peer in een nabijgelegen dorpje. Ik moet glimlachen als ik naar mezelf kijk, het is midden in de nacht en vele glazen rode wijn later, ik bevind me in een kroeg ergens in the middle of nowhere en praat met inmiddels meer en minder onbekenden. Het is een van de meest memorabele ontmoetingen, bedenk ik. Rond half drie is oudste zoon B. zo aardig om me bij m’n B&B af te zetten. Als we stilletjes naar binnen lopen slaat de hond aan. Gelukkig is hij handiger met de sleutel dan ik, dankzij hem kom ik m’n kamer binnen.

De volgende dag neemt Suiker me mee naar naar een dorp in de buurt waar we verder praten op een winderig terras met uitzicht op het water. Ik voel me nogal brak na vannacht en zij gaat na de koffie meteen aan de Ibuprofen. Ze vertelt over de periode in Doetinchem toen ze geen werk had en op het idee kwam om een picknickservice op te zetten. ‘Leuk, mandjes voor twee personen naar het bos brengen’, ze zag het helemaal voor zich. Dat idee sloeg zo aan dat in no time haar huis bomvol spullen stond. Toen vervolgens de Warenwet zich met haar keuken ging bemoeien moest ze op zoek naar een bedrijfsmodel. Helaas waren die onbetaalbaar wat het einde betekende van haar cateringavontuur, maar wel het begin was van een nieuw. Al surfend was ze op Internet een restaurant tegengekomen wat zij en haar toenmalige man wilden overnemen. Ook de kinderen zagen het wel zitten, dus er leek geen wolkje aan de lucht.



Helaas duurde
de restaurantperiode maar kort, met stookkosten die de pan uitvlogen en tegenvallende inkomsten werd na anderhalf jaar het faillissement uitgesproken. Toch heeft ze er geen spijt van, ze hebben ook mooie dingen meegemaakt. Vervolgens brak er een heel zware tijd aan, geen woonruimte, geen geld, het gezin viel uit elkaar, haar dochter en middelste zoon gingen het huis uit en na dertien jaar kwam er ook een einde aan haar tweede huwelijk. Wat heb je in die periode als het meest moeilijke ervaren, vraag ik haar. Ze vertelt dat ze het emotioneel heel zwaar heeft gehad met alles en er spijt van heeft dat ze haar kinderen zo hard heeft laten werken toen. Vorig jaar zat ze er helemaal doorheen, maar werd toch al vrij snel na het faillissement parttime gastvrouw in een buurthuis, daarna heeft ze nog diverse baantjes gehad.

Momenteel werkt ze elke vrijdag als kok in een restaurant. Ze moet nog steeds verplicht solliciteren op banen van veertig uur, al wil ze dat liever niet in verband met D., de jongste van acht, die ook veel aandacht nodig heeft. Recent heeft ze gereageerd op de vacature van redacteur-kok bij een kookmagazine, een baan die haar op het lijf geschreven is. Helaas ging uiteindelijk toch de voorkeur naar een andere kandidaat. Gelukkig heeft ze een schappelijke curator schuldsanering die wel enig begrip voor haar situatie heeft. Ze legt uit dat ze kort geleden zelfs een noodbrief aan de kerk heeft gestuurd omdat ze de 700,00 € die nodig was om de caravan brandveilig te maken niet kon betalen en anders afgesloten zou worden van water en licht. In dit geval bood de kerk een helpende hand.

‘Wat vind je het vervelendste en het leukste van op de camping wonen?’ Ze denkt even na, ‘het vervelendste is de onzekerheid, de eisen van het bestemmingsplan worden steeds meer aangetrokken en het is de vraag of je op den duur hier permanent mag blijven wonen’. Ze vervolgt, ‘het leukste is de vrijheid, net een beetje of je buiten de maatschappij zit en voor de jongste is het ook heerlijk!’ ‘Je hebt leuke kinderen’, zeg ik tegen haar. Ze glimlacht instemmend. ‘Kun je bij alle vier een korte quote geven, wat komt er als eerste in je op als je aan ze denkt?’ Ze begint bij die van acht, ‘het is echt een heel lief jongetje!’ en vervolgt met die van negentien, ‘hij is creatief en gevoelig’. Over die van eenentwintig zegt ze, ‘hij is een avonturier in alle opzichten’. Ten slotte komt die van drieëntwintig aan bod, ‘zij is mij in het kwadraat!’



Haar favoriete film
is ‘One Flew over the Cuckoo’s Nest’, net als ik heeft ze die vaak gezien.  Op boekengebied noemt ze Stephen King, ze heeft alles van hem. ‘Beekman en Beekman’ van Toon Kortooms heeft ook indruk gemaakt en verder leest ze graag Jan Wolkers, J.M.A. Biesheuvel en Renate Dorrestein. Tv kijkt ze erg weinig, al maakt ze een uitzondering voor ‘Eastenders’, een soap die door de BBC uitgezonden wordt. Ze houdt van veel verschillende muzieksoorten, afhankelijk van haar bui draait ze de ene keer Bon Jovi, de andere keer Jim Reeves of Simon & Garfunkel. Als het gesprek op sporten komt zucht ze hartgrondig, ze houdt er helemaal niet van en heeft dan ook geen conditie. Ze vertelt me over die keer dat ze hijgend een heuvel op probeerde te komen en een kwartier later nog steeds buiten adem was. Op de vraag ‘wie zou jij kiezen als je deze serie deed?’ antwoordt ze Appelvrouw.
Marjelle

Suiker draait:
Adele

*Ik wil alleen maar zwemmen Spinvis

Advertenties