Tagarchief: politiek

Beeld van een blogger (13) – Vrouw van weinig woorden?

(13)
Deze keer brengt m’n afspraak
me weer in mijn geboortestad Den Haag. Voor de deur van Dudok zie ik een fiets met rode bloemetjes staan, ze is er al. Ik loop de brasserie binnen en kijk nieuwsgierig om me heen, de Rotterdamse variant ken ik wel, maar de Haagse is nieuw. Een grote ruimte, niet ongezellig, het is er rustig deze dinsdagavond. Ik probeer een glimp van Beeldsprekers op te vangen, op dat moment komt een slanke vrouw met koperkleurig haar glimlachend op me af. Als ik haar een hand geef vallen me de zachtroze gebreide vingerloze handschoentjes op.

Nadat we een tafeltje aan de muur hebben gekozen, vertelt ze hoe ze met bloggen begonnen is. Eerst schreef ze op het subdomein van haar vriendin in Spanje, waar ze nog steeds een handgeschreven correspondentie mee voert. Dat heeft de aanzet gegeven tot het Beeldsprekersblog bij de Volkskrant, zij plaatste een foto en een vriendin zorgde voor de tekst. Na een tijd is ze solo verder gegaan met louter foto’s. Momenteel blogt ze onder dezelfde naam op WordPress, doordeweeks alleen, op zaterdag samen met Moleskine. Zij maakt een foto waarna hij er een tekst bij schrijft, niet alleen leuk om te doen, het werkt bovendien inspirerend.

Inmiddels heeft ze na de basisopleiding ook de deeltijd vakopleiding Fotografie aan de Fotovakschool in Rotterdam afgerond. Ze weet nog niet of ze in november doorgaat met de specialisatie landschap- en architectuurfotografie. Dat besluit valt na de zomer als zij en haar vriend terug zijn van een zonnige zeilvakantie op hun pas gekochte zeilschip wat nu nog in Turkije ligt. ‘Hoe lang kennen jullie elkaar?’ informeer ik. ‘Al vanaf m’n elfde, hij was een studievriend van m’n oudste broer en we kwamen elkaar elk jaar op de barbecue van m’n broer tegen’. Bij een van die ontmoetingen, nu tien jaar geleden, sloeg de vonk over.

‘Wat vind je het leukste aan hem?’ vraag ik. ‘Hij is heel attent’, ze noemt als voorbeeld die winterse keer dat zij vroeg op moest en hij net iets eerder wakker was en zei ‘blijf nog even liggen, dan zet ik de kachel voor je aan’. Als ik over haar schooltijd begin, vertelt ze over de hartspierontsteking die ze op haar elfde kreeg, iets wat vijf jaar lang veel impact heeft gehad. ‘Je hebt nooit gepuberd’, zei haar moeder later. ‘Ik heb toen besloten om niet dood te gaan’, zegt ze, ‘en heb sindsdien een beetje het gevoel dat ik leef in geleende tijd, alles wat nog komt is meegenomen’. Inmiddels is ze 100% beter verklaard, kort geleden kreeg ze van de cardioloog te horen dat ze voor het eerst in vijfentwintig jaar niet meer terug hoefde te komen voor controle.


Op het vwo koos ze voor een B-pakket – ‘ik heb geen wiskundeknobbel maar een talendeuk’ – daar ontstond wel haar liefde voor Engels dankzij een bijzondere lerares. Het is dan ook geen toeval dat haar lievelingsboeken ‘Winter’s Tale’ van Mark Helprin en ‘The Shipping News’ van Annie Proulx van Engelstalige auteurs zijn. Na de heao heeft ze een deeltijd rechtenstudie gevolgd bij de LOI, vervolgens is ze de Beroepsopleiding Bedrijfsjuristen gaan doen. ‘Ik vind het leuk om te blijven studeren’, licht ze toe. Na een aantal mooie jaren onder andere bij het Cirque du Soleil waar ze te maken had met contractafhandeling werkt ze nu vier dagen per week als bedrijfsjuriste bij een klein internationaal bedrijf in Leiden waar de voertaal Engels is.

Naast werk, studie en lief maakt ze ook nog tijd voor een aantal andere hobby’s behalve fotograferen met haar zakformaatcamera en Olympus-spiegelreflex. Twee keer per week gaat ze op en neer naar ’t Gooi om met haar verzorgpaard te draven en drie keer per week loopt ze zelf hard. ‘Het is een soort van verslaving’, geeft ze toe. Ook al is ze dol op paarden, toch at ze vroeger wel paardenvlees. Verder houdt ze erg van lekker eten, haar favoriete gerecht is noedelsoep met kokosmelk*. Ook aan haar stel ik de vraag ‘welke blogger zou jij kiezen als je deze serie deed?’ Na een korte denkpauze antwoordt ze ‘100_woorden’.

Films die indruk op haar hebben gemaakt zijn ‘The Piano’ en ‘Das Leben der Anderen’. Net als ik is ze een fan van de Engelse detectiveserie ‘Inspector Morse’, maar ook ‘Silent Witness’ en ‘Dalziel & Pascoe’ kunnen haar bekoren. ‘Midsomer Murders’ spreekt haar vooral aan vanwege de combinatie ‘zoetsappig met gemene streken’. Actualiteitenprogramma’s worden vaak te laat op de avond uitgezonden, maar ’s ochtends bij het ontbijt kijkt ze altijd wel het journaal. Op muziekgebied zijn het alleen vrouwennamen die in eerste instantie naar boven komen, Alanis Morissette, Adele, Sheryl Crow, Björk, Billie Holiday en Shirley Bassey passeren de revue. Simple Minds is de laatste band die ze live gezien heeft een aantal jaren geleden in 013.

Ten slotte komt het gesprek op politiek, ze noemt zichzelf een zwevende kiezer, de laatste keer heeft ze op de Partij voor de Dieren gestemd. ‘Stemmen is een recht, maar het zou een plicht moeten zijn’, vindt ze. Als ik vraag welke politicus haar in negatieve zin is opgevallen, valt onmiddellijk de naam van Wilders. Verder maakt ze zich druk over de aanschaf van kerncentrales. ‘Bizar dat we net een kernramp hebben in Fukushima en er in Nederland nu nog steeds een discussie is over wel of geen nieuwe kerncentrales terwijl er niet eens een oplossing is voor kernafval’. Ook zaken als het uitsterven van diersoorten zoals de blauwvintonijn gaan haar aan het hart. Inmiddels is het laat geworden, ze loopt met me mee naar het station waar ik nog gauw even een paar boodschappen haal bij de AH to go.
Marjelle

Beeldsprekers draait:
Boudewijn de Groot

* Noedelsoep met kokosmelk
Benodigdheden
– ui
– scharrelkipfilet in reepjes (of tofoe of Quorn)
– zak gesneden Thaise groente
– eiernoedels
– blik kokosmelk
– kruidenbouillonblokje
– gemberpoeder
– ketjap
– sambal
– olijfolie

  • Fruit de gesneden ui in olijfolie tot de stukjes ui glazig zijn, doe de kip erbij, voeg een flinke scheut ketjap toe en bak tot de kip gaar is;
  • voeg nu de groente toe en roerbak even.
  • giet dan het blik kokosmelk erbij;
  • voeg het kruidenbouillonblokje toe;
  • laat het geheel kort koken;
  • voeg noedels en water toe zodat het een soep blijft;
  • breng het gerecht vervolgens op smaak met sambal en gemberpoeder (de noedels moeten gaar zijn en de groente moet een bite houden).
    Eet smakelijk!
Advertenties

Beeld van een blogger (12) – Man met een mening!

(12)
De reis naar Schiphol verloopt voorspoedig, om 13:15 uur kom ik aan op het perron, ruim op tijd voor mijn afspraak met m’n twaalfde blogger. Ik besluit nog even snel naar het panoramaterras te gaan om een paar foto’s te maken. Het is een prachtige zonnige dag en ik geniet als ik even later uitkijk over de wereld die Schiphol is. Het is alleen een stuk verder dan ik gedacht had, dus ik haast me terug naar de roodwitte kubus waar we hebben afgesproken. Op het bankje ernaast zie ik een bekend gezicht, Meneer Opinie kijkt vermoeid voor zich uit, hij is net geland uit Panama. We begroeten elkaar hartelijk en beginnen meteen druk te praten, hij bijna nog sneller dan ik. In de verte doet zijn stem denken aan die van Herman van Veen.

Vlakbij bevindt zich een Délifrance Plaza met buitenterras, bij een kop koffie en een tonic & thee zetten we onze kennismaking voort. Hij komt nog vrij energiek over na een vlucht van ruim tien uur. Sympathieke man met gevoel voor humor en to the point, daar hou ik van, niet van mensen die overdreven aardig doen en het uiteindelijk niet zijn. IJverig begin ik aantekeningen te maken terwijl het oorverdovende geschraap van zinken stoelen op het drukke terras me regelmatig afleidt en de zon brandt op m’n gezicht. Hij heeft biologie gestudeerd aan Hogeschool Wageningen, vertelt hij, daar heeft hij ook mevrouw Opinie ontmoet die dezelfde studie volgde. In 1991 is hij samen met haar vertrokken uit Nederland om in Zimbabwe onderzoek te doen naar het gedrag van de tseetseevlieg.

Hij praat enthousiast over die tijd, ze woonden in Harare in een huis met zwembad. De meeste mensen spraken er Engels, ook de voorzieningen waren goed, het was een soort van ‘Afrika voor beginners’. Zijn vrouw werkte ondertussen als vrijwilligster bij duurzame landbouwprojecten. De afspraak was dat de keer erna de rollen omgedraaid zouden worden, dan zou  Meneer Mevrouw naar verre oorden volgen. Toen na drieëneenhalf jaar zijn promotieonderzoek in het het Mana Pools National Park was afgerond, kwam er helaas een eind aan deze ‘onderzoeker in het wild’-periode. Eenmaal in Nederland moest hij eerst nog een proefschrift schrijven, in diezelfde periode kreeg zijn vrouw een baan in Mozambique aangeboden.

Ruim een half jaar later reisde hij haar achterna, precies zoals indertijd was afgesproken. Hij kwam in een onbekende omgeving terecht waar zijn vrouw inmiddels al behoorlijk ingeburgerd was en besloot zo snel mogelijk Portugees te leren. Hun huis keek uit op de Indische Oceaan en ze gingen om met ‘een leuke club mensen’, een mix van buitenlanders en locals. Het was drie jaar na de burgeroorlog, de bevolking was straatarm, maar al snel verbeterde de levensstandaard, op een gegeven moment zag je zelfs omaatjes in een ‘I’m too sexy for my shirt’-hemd rondlopen. Hij werkte er als freelancer voor GTZ en niet-gouvernementele organisaties zoals Vetaid. Hun droom was een eco-hotel te beginnen in de ongerepte Mozambikaanse natuur, maar door corruptie en tegenwerking resulteerde dit uiteindelijk in een nachtmerrie en besloten ze voor Panama te kiezen.

Wat is het meest opvallende van dit land, vraag ik hem. Panamezen zijn een ondernemend volk, vertelt hij, en over het algemeen ook veel beter opgeleid, het landschap is mooi, zo’n beetje ‘de tropische versie van Nederland in de jaren 50’. Hij gaat verder, ‘er is kleinschalige landbouw en er zijn prachtige stranden’. ‘Jammer dat het zo ver weg is’, zeg ik, ‘ik krijg zin om ernaar toe te gaan’.  In 2006 zijn ze op een herbebossingsvisum binnengekomen, de beginperiode hebben ze in Panama Stad gebivakkeerd. Later toen ze hun droomplek in Palmilla hadden gevonden, een piepklein dorpje met slechts zeventien huizen, zijn ze daar neergestreken. Hier staat hun hotel, het lieflijke Heliconia vernoemd naar een tropische bloem, omzoomd door acht hectare grond. Eén van de eerste dingen die ze gedaan hebben was bomen planten, lokale houtsoorten zoals mahonie, ebbenhout, Spaanse ceder, soorten die veel vogels aantrekken. Zijn lievelingsvogel is de langsnavelsterkeelkolibrie.

Niet alleen heersen er tropische temperaturen en is het strand slechts 1500 m ervandaan, ook paarden, zeeschildpadden en dolfijnen bevinden zich in de nabije omgeving. Op 50 km ligt het prachtige natuurpark Cerro Hoya. In datzelfde jaar hebben ze Tanager Tourism opgericht. Eind 2007 werd hij toen gevraagd door de GFA Consulting Group om twee jaar in Angola te komen werken als ‘technical expert’. Aangezien het hotel nog in de steigers stond, er geld nodig was en hij het een uitdagende baan vond is hij op dat aanbod ingegaan. In de praktijk betekende dit wel dat hij mevrouw Opinie in die hele periode maar twaalf weken heeft gezien en dat was zwaar. Begin 2010 opende het hotel uiteindelijk zijn deuren. Mevrouw Opinie is degene die meestal voor de gasten kookt, een populair Indiaas gerecht is yoghurtrijst*. Ze eten ook Hollandse pot, hij is dol op rode kool met hachee. Naast alle drukke werkzaamheden zijn ze beiden ook nog freelance consultants.

Het gesprek komt op muziek, hij houdt van jazz, maar ook van Nick Cave, Beck en Lou Reed. Ik vraag naar zijn favoriete films. ‘Kaos’, ‘Lolita’, ‘The Sheltering Sky’ en ‘Round Midnight’ zijn de eerste titels die in hem opkomen. Een tv hebben ze niet, via de Volkskrant-site en de lokale krant El País houdt hij zich op de hoogte van het nieuws. De boeken die het meeste indruk gemaakt hebben zijn ‘Het land van herkomst’ van Du Perron, ‘Reis naar het einde van de nacht’ van Céline en ‘Lolita’ van Nabokov. ‘Ik heb een voorkeur voor schoften’, licht hij  zijn keus toe, ‘die zijn veel interessanter dan heilige boontjes’. Als ik hem vervolgens vraag welke blogger hij zou kiezen als hij deze serie deed, antwoordt hij Doortje.

Inmiddels zijn we al een aantal uur aan het praten, maar over politiek hebben we het nog nauwelijks gehad. Ik informeer wie zijn favoriete en minst favoriete politicus is. Onmiddellijk valt de naam van Geert Wilders, ‘wat me het meest irriteert is de enorme hypocrisie van die man’. Ook Hero Brinkman wordt in één adem genoemd. Sowieso kan hij zich kwaad maken over politici die zichzelf en anderen wat wijsmaken. ‘Bijvoorbeeld iets “enhanced interrogation techniques” noemen, zeg toch gewoon dat je mensen martelt’. Ik knik instemmend, het zijn zaken waar ik me ook vaker over opwind. ‘Het is heel moeilijk om een politicus op een waarheid te betrappen’, voegt hij eraan toe. Een echte favoriet heeft hij niet, maar Jan Marijnissen vond hij het zeker niet slecht doen.

Verder kan hij zich ook druk maken over waarom er zo weinig geld aan de bestrijding van de malariamug besteed wordt terwijl er elk jaar één miljoen kinderen in Afrika sterven en alle technieken in huis zijn om malaria uit te roeien, alleen de politieke wil ontbreekt. ‘Degenen die toen verantwoordelijk waren voor het verbod op DDT en dat erdoor gedrukt hebben, zoals Rachel Carson en William Ruckelshaus, zouden voor een tribunaal moeten worden gesleept’, zegt hij fel en doet de titel eer aan. Ik wil nog even een paar laatste dingen weten en vraag of hij nog iets mist van Nederland. ‘Drop’, hij grinnikt. ‘Je komt ook minder in contact met cultuur, zoals theater en dans’, en vervolgt, ‘ik ben het wel ontwend na al die jaren en heb nu meer een thuisgevoel in Panama bij m’n vrouw en ons hotel’.

Wat vind je het leukste aan haar, informeer ik. ‘Dat ze onafhankelijk is op het eigenwijze af en intelligent. We wilden ook allebei geen kinderen en hadden dezelfde droom om in het buitenland te werken aan een betere wereld en niet zozeer werken voor een hoog salaris’. Via mail stel ik dezelfde vraag aan mevrouw Opinie. ‘Het leukste is denk ik het enthousiasme van hem en daarbij de enorme dedicatie waarmee hij zich vastbijt om iets vol te houden of uit te voeren. Ik geniet daarvan (zeker omdat ik zelf ook regelmatig het onderwerp ben van die dedicatie ; )). Ik denk dat we samen veel dingen aankunnen waar de meeste mensen niet eens aan durven te beginnen. Samen sterk, en we hoeven dus ook niet achterom te kijken naar hadden we dit of dat maar gedaan… Kees houdt van mij en ik van hem en dat is geweldig leuk’.  Heb je nu nog dromen, vraag ik hem ten slotte. ‘Ja’, zegt hij, ‘ons babybos moet groeien tot er uiteindelijk ara’s en apen in kunnen leven!’
Marjelle

Meneer Opinie draait:
Gare du Nord

* Yoghurtrijst (Masuru anna) op Opiniaanse wijze
(Uit: ‘A taste of India’, Madhur Jaffrey)
Voor 2-3 personen

  • 100 gr witte rijst wassen en daarna 25 min. in water laten weken;
  • ondertussen 250 ml yoghurt en ½ tl zout samenkloppen;
  • 2,5 cm verse gember schillen en fijnsnijden, vervolgens 2 groene hete pepertjes (of 2 tl groene chilisaus gebruiken) en 1 tl verse koriander fijnsnijden;
  • roer dit door de geklopte yoghurt;
  • water koken,  als het aan de kook is gebracht de geweekte rijst toevoegen en 15 min. stevig laten doorkoken;
  • daarna afgieten en mengen met de geklopte yoghurt en de ingrediënten;
  • in een pan 1 el olie verhitten (geen olijfolie) op middelmatig vuur [we koken op gas] en dan 1 tl mosterdzaad toevoegen [wij hebben alleen de gele variant];
  • als de zaadjes beginnen te poppen, voeg je 2 tl gespleten rode linzen (dahl) toe, fruit die ca. 1 min.;
  • doe er curryblaadjes bij (geen laurierblaadjes!) en na 1 min. droge rode chilipepers (of 1 tl cayennepeper);
  • even al roerend bakken, daarna alles over de yoghurtrijst gieten en kort roeren (tot de curryblaadjes stuk knisperen);
  • serveren op kamertemperatuur, erg lekker bij verse tonijn met tamarindesaus.
    Eet smakelijk!

Beeld van een blogger (11) – In gesprek met… Hiraeth

Eerder verschenen in deze serie:
Beeld van een blogger (1) – Kuzz voor Guzz
Beeld van een blogger (2) – Gewoon gelul, Trektocht!
Beeld van een blogger (3) – Back to where I once belonged met Annelies!
Beeld van een blogger (4) – Op z’n Rotterdams met Marius!
Beeld van een blogger (5) – So what, man!
Beeld van een blogger (6) – He blew me away!
Beeld van een blogger (7) – Kiezels in m’n schoenen
Beeld van een blogger (8) – Tweestemmig met Geroma!
Beeld van een blogger (9) – Met Henk op het Binnenhofplein
Beeld van een blogger (10) – Apies kijken?

(11)
Het is precies 12.00 uur
als ik in hotel De Zalm arriveer. Ik kijk speurend om me heen, begroet een man die ik ten onrechte aanzie voor een medewerker en kies een tafeltje aan de muur. M’n mobieltje galmt opeens door de ruimte, het is Hiraeth, ze staat vast in het verkeer en komt er zo snel mogelijk aan. ‘Ik zit al aan de thee’, zeg ik. Even later stapt een kleine, tengere vrouw het lokaal binnen, donker haar omlijst een lief gezicht. Het is net alsof we elkaar al langer kennen zo moeiteloos verloopt het gesprek. Van huis uit is ze Antwerpse, enig kind, haar Nederlands heeft een charmant Belgisch tintje, inmiddels woont ze alweer achttien jaar in een plaatsje vlak bij Gouda. Wat mis je het meest van Antwerpen, vraag ik. ‘Ik mis de taal heel erg, de jovialiteit, de prettige onbehouwenheid, en dat je overal kan binnenstappen en goed kan eten.’

Haar favoriete restaurant is ’t Hofke, wie weet ga ik daar ook eens langs als ik de volgende keer in Antwerpen ben. ‘En wat vind je typisch Nederlands?’ Het calvinisme wat hier heerst, was wel een cultuurshock, vertelt ze en vult aan, ‘doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg.’ Ze geeft een ander voorbeeld aan de hand van eten. In Nederland zijn de porties vaak minimaal, er is nét genoeg, terwijl er in België altijd iets over is. Als we het even later over hobbies hebben, verbaast het me niet dat koken naast lezen een van haar geliefde bezigheden is. ‘Ik ben een echte Belg, je mag mij ’s nachts wakker maken voor patat met mayonaise’, en ze verhaalt met enthousiasme over heerlijke mosselgerechten en caracollen.

De liefde heeft haar naar Nederland gebracht. Toen ze vierentwintig was leerde ze een Nederlandse man kennen, ze werden verliefd en vier maanden later woonden ze samen, uiteindelijk kregen ze drie zoons. In 2001 kwam er een eind aan het huwelijk. Een tijd daarna kwam ze ‘een man van weinig woorden’ tegen op de Leidse universiteit waar ze een avondstudie volgde. Inmiddels zijn ze alweer acht jaar gelukkig met elkaar. Wat vind je het allerleukste aan hem, vraag ik. ‘Dat ik niets hoef te zeggen, dat hij mij vooral mogelijkheden geeft zonder daar verwachtingen aan te verbinden. ik kan altijd mezelf zijn, hij geeft me rust. We vullen elkaar ook aan, hebben veel gemeenschappelijke interesses en houden van dezelfde soort films.’ Ik ben benieuwd hoe hij eruitziet, op dat moment weet ik nog niet dat ik hem aan het einde van de middag zal ontmoeten. Hij heeft rood haar, licht ze een tip van de sluier op.

Na de geboorte van haar derde kind is ze Engelse taal- en letterkunde gaan studeren. Toen ze na twee jaar haar studie en gezin ook nog combineerde met het student-assistentschap brak er een heel drukke periode aan. Ze praat met passie over het lesgeven aan studenten: ‘De eerste keer dat ik voor de klas stond, had ik het gevoel dat ik thuiskwam.’ In 2006, een half jaar voor haar afstuderen, werd er plotseling leukemie geconstateerd. Wat toen volgde was een zware tijd waarin ze chemo, bestraling en een stamceltransplantatie onderging. Negen maanden later sloeg de ziekte weer toe, nu werd als laatste redmiddel een zwaardere chemobehandeling gevolgd door een donorstamceltransplantatie ingezet. Het was een zeer heftige periode, waarbij ze meer in het ziekenhuis lag dan daarbuiten. ‘De echte hel zit in je hoofd’, ze vertelt over de zorgen die ze had over haar drie kinderen, echtgenoot en bejaarde ouders. Toch heeft ze de hoop nooit opgegeven en geniet nu nog intenser van haar gezin.

In 2009 krijgt ze een parttime baan in het voortgezet onderwijs. Al vond ze het ook leuk om les te geven aan 1-5 havo-, vwo- en gymnasiumleerlingen, toch is er voor haar wel een groot verschil tussen het lesgeven aan gemotiveerde studenten en verveelde, steeds minder cultureel onderlegde leerlingen. Het afgelopen jaar heeft ze ook nog haar scriptie weten af te maken. Inmiddels is ze leukemievrij, maar als gevolg van de transplantatie van donorcellen heeft ze een chronische vorm van graft versus host op de longen opgelopen. Daardoor moest ze stoppen met werken. Huisvrouw zijn bevalt haar goed, ze houdt van huiselijkheid en is zorgzaam van nature. Vandaag is ze voor het eerst in lange tijd weer buiten. ‘Je hebt me even uit m’n cocon getrokken’, zegt ze met een glimlach.

Als ik over politiek begin, zie ik haar strijdlust weer oplaaien. ‘Iedereen kan op een trampoline springen volgens Rutte, toen ik dat hoorde dacht ik meteen: nou ik niet.‘ Ze vindt het belangrijk om niet cynisch te worden, om solidair te willen zijn. ‘Dan merk ik dat ik het linkse hart van m’n oma heb.’ Ze begint vervolgens over Wikileaks, dat Verhagen en Rutte druk hebben uitgeoefend op de VS om Bos onder druk te zetten. ‘En dat noemt zichzelf integer’, zegt ze fel. Nu we het toch over politici hebben wil ik weleens weten wie een positieve indruk op haar gemaakt heeft en wie niet. Minst favoriet zijn Henk Bleker en Mark Rutte. Favoriet zijn Jan Marijnissen en Bart de Wever, de eerste omdat hij anderen in hun waarde liet en op een duidelijke manier in de politiek stond, de laatste omdat ze het een opluchting vindt dat er eindelijk iemand in België is die spijkers met koppen wil slaan.

Haar muzieksmaak is breed, ze houdt van klassiek waaronder barokmuziek van Henry Purcell, luistert graag naar Bruce Springsteen en Billie Holiday, maar ook een nummer als Gettin’ over you van David Guetta, wat haar kinderen erg leuk vinden, kan ze waarderen. Haar favoriete tv-programma’s zijn onder andere ‘Lewis’, ‘De wereld draait door’, ‘De slimste mens ter wereld’ op Canvas en ‘Michel Roux’s Service’ op de BBC. Daarnaast vindt ze het heerlijk om samen op de bank met man en kinderen naar ‘Glee’ te kijken. Haar lievelingsfilms zijn ‘The usual suspects’, ‘Tous les matins du monde’ en last but not least ‘Pan’s labyrinth’. Op haar nachtkastje ligt momenteel ‘The imperfectionists’ van Tom Rachman, andere boeken die indruk hebben gemaakt zijn ‘A prayer for Owen Meany’ van John Irving en Salman Rushdie’s ‘Midnight’s children’.

‘Welke blogger zou jij kiezen als je deze serie maakte?’ De naam Hippocampi valt, omdat ze hem erg genuanceerd vindt, een verademing op het blog. Inmiddels is het veel later geworden dan we dachten en ze belt haar man op om haar te komen halen. Kort daarna loopt hij, sympathiek gezicht, in gezelschap van zoonlief met krullen en onweerstaanbare glimlach De Zalm binnen. Ook aan hem vraag ik wat hij het allerleukste vindt aan z’n partner. ‘Hiraeth is iemand met een open en ongespeelde intensiteit. Haar spreken gaat ergens over, ze staat voor wat ze voelt en denkt. Ze is de corazon in mijn bestaan.’ Nadat we samen nog iets gedronken hebben, nemen we afscheid. Met de ontmoeting en het verhaal nog vers in m’n hoofd slenter ik over de inmiddels in halfschemer gedompelde grachten terug naar het station. Onderweg koop ik nog gauw een paar strassbellen bij De Oorbel, alleen al de naam lokte me naar binnen.
Marjelle

Hiraeth verlangen om weer thuis te komen

Hiraeth
draait:
Elbow

Beeld van een blogger (10) – Apies kijken?

Eerder verschenen in deze serie:
Beeld van een blogger (1) – Kuzz voor Guzz
Beeld van een blogger (2) – Gewoon gelul, Trektocht!
Beeld van een blogger (3) – Back to where I once belonged met Annelies!
Beeld van een blogger (4) – Op z’n Rotterdams met Marius!
Beeld van een blogger (5) – So what, man!
Beeld van een blogger (6) – He blew me away!
Beeld van een blogger (7) – Kiezels in m’n schoenen
Beeld van een blogger (8) – Tweestemmig met Geroma!
Beeld van een blogger (9) – Met Henk op het Binnenhofplein

(10)
Eén dag voordat het bericht
dat het VK-blog per 1 maart ophoudt te bestaan in m’n mailbox belandt heb ik een afspraak met Apiedapie, m’n tiende blogger in beeld. Op dat moment weet ik nog van niks en fiets gehaast door de regen naar Floor waar we om 13:00 uur hebben afgesproken. Nadat ik eerst de verkeerde man heb aangeklampt, hoor ik opeens m’n mobieltje overgaan en zie vanuit een ooghoek iemand aan de overkant zitten met een telefoon aan z’n oor. Ik gebaar dat ik het ben en hij loopt naar me toe, een tengere man, casual gekleed, in de verte doet-ie me aan Harry van Bommel denken. Hij geeft me een zoen en kijkt me vervolgens met z’n bruine ogen aandachtig aan. Vanaf dat moment beginnen we te praten en zullen daar pas rond 19:00 uur mee stoppen zoals later blijkt.

Wat me meteen opvalt is z’n gevoel voor humor, z’n snelle manier van praten en denken, het plagerige over en weer, dingen die ik bij de meeste mensen mis de afgelopen jaren. Ik moet glimlachen als hij op een gegeven moment vol overgave zegt ‘en het is allemaal jouw schuld’, het doet me aan iemand anders denken die dat ook vaker zei. ‘Klopt’, grinnik ik, ‘alles is altijd mijn schuld’. Humor is zo belangrijk tussen mensen. We springen allebei van de hak op de tak, slaan zijwegen in waardoor we op een bepaald moment zelf niet eens meer weten wat we eigenlijk wilden vertellen. Ik voorzie dat het nog een hele klus zal worden om ook deze keer uit m’n aantekeningen wijs te worden, al probeer ik er wel enige lijn in te krijgen en hem af en toe bij de les te houden, echt succesvol zijn die pogingen niet.



Na een studie aan de Erasmusuniversiteit, waar ik zelf nog een blauwe maandag rechten gestudeerd heb, werkt hij bij verschillende ministeries in Den Haag, wat hij jarenlang met veel plezier doet. Het zijn minder stoffige functies dan de naam en omgeving wellicht doen vermoeden, hij vond het vooral leuk om speeches voor ministers te schrijven. Welke minister is je het meest bijgebleven, informeer ik. ‘Hans Alders, omdat hij heel erg zichzelf was’. Op een gegeven moment is er de mogelijkheid om als diplomaat bij de VN te komen, een kans die hij met beide handen aangrijpt, het eerste land waar hij naar uitgezonden wordt is Frankrijk. De essentie van z’n werk is zoals hij het samenvat ‘om goede dingetjes die het ene land doet te laten zien aan andere landen en dan te zeggen “hé, is dat niks voor jou, daar werkt het”‘.

Apiedapie, wereldburger, hij heeft behalve in Nederland onder andere een aantal jaar in Parijs en op verschillende plaatsen in New England gewoond, is de halve aardbol over gereisd, deels werk, deels plezier. Sinds een jaar heeft hij een idyllisch onderkomen, hij laat me foto’s van zijn huis zien. Ik ben meteen verliefd, het is het uitzicht waar ik vaker van gedroomd heb, wakker worden met de zee aan je voeten. Hij heeft het erg naar zijn zin in de Verenigde Staten, vertelt hij, de vrijheid, grote bakken koffie en geringe sociale controle spreken hem aan. Wel mist hij de Nederlandse nasigoreng en beginnen z’n ogen te glimmen bij het woord Brinta. Momenteel is hij net terug uit Parijs waar hij vrienden heeft bezocht, op de teller van z’n huurauto staat ruim 3000 km, hij heeft wat afgereden de afgelopen twee vakantieweken. ‘Almost the American way’, denk ik.

Toen hij twaalf was wilde hij bioloog-in-het-veld worden, hij was het soort jongetje dat salamanders ving en in potten stopte om vervolgens z’n buit aan een nader onderzoek te onderwerpen. Z’n lievelingsdieren zijn overigens geen apen wat je wel zou verwachten met zo’n nick, maar dolfijnen, zeearenden en olifanten, die laatste heeft hij ook in het wild gezien in India. Fantastisch lijkt me dat om zulke dieren van dichtbij te kunnen bewonderen in hun natuurlijke habitat. Hij vertelt over de voorliefde van z’n moeder voor olifanten en over de laatste keer dat ze samen in Blijdorp waren. Ze wilde net als de kinderen op de rug van een olifant rijden en riep enthousiast ‘dat heb ik nou altijd willen doen’. Toen ze twee weken daarna plotseling overleed, heeft hij alles in het werk gesteld om de foto die van hen beiden bij de ingang was gemaakt te traceren. Gelukkig was het negatief er nog en de foto vormt een dierbare herinnering aan een mooie dag samen.

‘Wanneer ben je met schrijven begonnen?’ Hij antwoordt dat hij de smaak te pakken kreeg op de middelbare school, hij koos altijd de meest poëtische opsteltitel en leefde zich uit op papier. Soms moest hij een opstel voorlezen ten overstaan van de hele klas, iets wat hij vreselijk vond. Eén keer verzuchtte de leraar, ‘het is alsof je Bomans hoort’, dat soort commentaar maakte hem niet echt geliefd bij z’n klasgenoten. Zijn studie combineerde hij later met het parttime redacteurschap voor Quod Novum, daarnaast schreef hij af en toe voor de NRC. Bij die krant is ook z’n ‘blogcarrière’ gestart, in 2008 produceerde hij zijn eerste ik-je. Hij vertelt me dat op Drasties, de site waar hij in datzelfde jaar is begonnen als Apiedapie, ook het hikje staat, de tegenhanger ervan, als hij vervolgens ook nog over een tikje begint raak ik het spoor bijster. In oktober is hij bij het Volkskrantblog terechtgekomen. Op de vraag wie hij zou kiezen als hij deze serie zou maken, zegt hij StadsfotograafVelsen.

Behalve van schrijven houdt hij van hardlopen, zwemmen, wandelen en de natuur. Favoriete films zijn ‘The Deer Hunter’, ‘Ghost’, ‘National Lampoon’s Christmas vacation’ en ‘Je vous trouve très beau’. We houden allebei van programma’s als ‘Ik vertrek’, daarnaast kijkt hij ook naar ‘De wereld draait door’ en ‘Pauw & Witteman’. Wat muzikale voorkeuren betreft neemt John Lennon een speciale plek in, verder luistert hij graag naar Sheryl Crow, blues, fado en Garou. Het gesprek komt weer op Nederland, er is een kans dat hij dit jaar nog teruggaat en ook zelf het roer omgooit. De politiek heeft hem altijd aangetrokken, hij droomt ervan om een tegenwicht aan Wilders te bieden als ‘een moderne, sexy Cohen’. Toespraken houden is hij gewend en ook voor urenlange vergaderingen draait hij z’n hand niet om, hij heeft zitvlees gekregen tijdens de jaren bij de VN.

‘Nu hebben we wel zo’n beetje alles gehad, hé’, zegt hij grijnzend. ‘We hebben het helemaal nog niet over vrouwen gehad’, sputter ik tegen. ‘Het is wel een beetje een clichévraag, maar dat maakt niet uit’, bepaal ik met m’n liefste glimlach, ‘wat is voor jou essentieel in een vrouw?’ Zonder na te denken, noemt hij: sterke persoonlijkheid, initiatiefrijk, niet volgzaam, geen slachtofferrol, verrassend, humoristisch, positief-optimistisch, levenslustig en last but not least ‘iemand die zich niet laat domineren door mij’. Bij dat laatste kan ik me wel iets voorstellen, deze leeuw vertoont zeker dominante trekjes. De genoemde eigenschappen spreken me wel aan, het is in grote lijnen datgene wat ik in een man wil naast intelligentie, tederheid en empathie.

Momenteel is hij weer vrijgezel na een aantal lange relaties. Zijn eerste serieuze relatie was met een Rotterdamse – hij heeft ook nog steeds een zwak voor deze stad – en de laatste met een buitenlandse vrouw waarmee hij ook een zoon heeft. Hij laat me een paar foto’s van hem zien, Apieknapie, een lieve Hollandse jongen van elf. Wat vind je het leukste aan het vrijgezellenbestaan, vraag ik. ‘De vrijheid, jezelf zijn, dat je niet beperkt bent in je vriendschappen’. Op dat moment komt een aardige jongen met het verzoek of we aan de bar willen plaatsnemen. We hebben zo lang aan hetzelfde tafeltje gezeten dat ze het nodig hebben voor dinergasten. Het laatste glas wijn drinken we iets sneller dan het vorige, zijn zoon wacht en ik moet nog dat hele eind door de stromende regen naar huis fietsen. We nemen hartelijk afscheid. Eenmaal thuis trek ik snel m’n doornatte kleren uit en spring onder de douche, vijftien minuten lang schuil ik onder de hete straal in een poging warm te worden.
Marjelle

Apie draait:
VV Brown