Beeld van een tweep (2) – Op de Spaanse toer met @kamasys / Interview with @kamasys

In de verte zie ik een trein staan, ik trek nog snel even een sprint. ‘Gaat deze naar Amsterdam Amstel?’ vraag ik enigszins buiten adem. Gelukkig, ik ben in de goede trein gesprongen. Om half vier heb ik met @kamasys in de Pijp afgesproken, als ook lijn 12 straks meewerkt dan red ik dat nog wel. Wanneer ik anderhalf uur later het terras van Kofi-T op loop zie ik hem al zitten, ik herken hem van z’n avatar. Vriendelijke glimlach, onderzoekende blik, ik trek een stoel bij in de zon. Nadat de thee gearriveerd is, geef ik hem een in Psychologie-papier verpakt cadeau, ‘omdat je me vaker geholpen hebt met computervragen en Spaans’, leg ik uit als ik zijn verbaasde ogen zie. Hij vertelt dat ze in Spanje cadeaus nooit uitpakken waar de gever bij is, dat voorkomt pijnlijke momenten en clichématige reacties in de trant van ‘dat had je écht niet moeten doen!’ ‘Daar kan ik me iets bij voorstellen’, beaam ik.

Het cadeau blijft onuitgepakt en ik haal pen en papier tevoorschijn. Sinds een jaar of twee zit hij op Twitter, een aantal mensen volgt hij intensiever, zoals @timatweets en @Stefan_Louwers, de laatste heeft hij ook ontmoet. Al snel komt politiek ter sprake, hij is links-liberaal en stemt altijd met frisse tegenzin. Bij de volgende verkiezingen overweegt hij voor @MarietjeD66 te kiezen. Zijn tweeps bevinden zich links en rechts van het politieke spectrum, @wltrrr bijvoorbeeld of @jortkelder die zichzelf een anarcho-liberaal noemt, een typering die hem ook aanspreekt. @yoanisanchez volgt hij op de voet, een bijzondere vrouw, vanuit Cuba twittert ze zonder internetverbinding tegen de dictatoriale verdrukking in. Het gesprek komt op Wilders en Fortuyn, de een vindt hij vreselijk terwijl hij om de ander nog wel kon lachen, een echte relnicht volgens hem. ‘Iemand die netjes oppositie voert moet je netjes behandelen, een etterbuil moet je als een etterbuil behandelen, ik zou het wel weten’, zegt hij vol overtuiging, ‘ik ga de confrontatie aan als het moet.’

Hij vertelt over een junk vroeger in de Pijp die hij regelmatig aansprak op z’n daden, ‘ik was dat junkengedrag zo zat.’ Inmiddels woont hij aan de zuidkant, deel van Berlage’s Plan Zuid, een rustiger gedeelte, hij houdt van de variëteit, de vriendelijke relaxte sfeer. In het dagelijkse leven is hij docent Spaans, www.spaansleren.nl, op fiets of motor rijdt hij naar zijn cliënten toe en geeft ze thuis privéles, een van z’n klanten was Maurice de Hond, die hij een jaar lang les heeft gegeven. Daarnaast is hij webontwikkelaar. Ik herinner me behalve een aantal Snoek-tweets ook diverse motortweets en vraag hem welke motor hij heeft. ‘Een Voxan, vroeger ging ik met een Moto Guzzi op vakantie naar Spanje’, hij voegt eraan toe, ‘nu niet meer, ik heb inmiddels vrouw en kind, hij is pas zes, te jong om achterop te gaan.’ ‘Hoe heb je haar ontmoet?’ informeer ik. ‘In een Spaans café in Amsterdam zag ik haar en dacht meteen “daar ga ik even bij zitten”, het was liefde op het eerste gezicht voor mij.’

Ze hadden een aantal overeenkomsten, niet alleen studeerde zij toentertijd Spaans, ook was ze kind aan huis aan de Costa Brava, een regio waar hij vaak kwam. ‘Ze danst heel goed, de eerste avond besloten we al samen een tangocursus te gaan doen, maar ik kreeg pas veel later een beetje gevoel ervoor.’ Hij vertelt ook over zijn interesse voor mechanische techniek, het leuke van dingen uit elkaar halen als er iets kapot is en ze vervolgens weer in elkaar zetten, en over zijn hobby fotograferen. ‘Als schooljongen droomde ik altijd van een Leica en nu heb ik er een.’ Hij fotografeert wat hij leuk vindt en dat is vaak op straat. Ik bewonder zijn toestel en laat hem vervolgens mijn houtje-touwtjecamera zien waar ik overigens nog steeds blij mee ben.

Ook de Spaanse crisis komt aan bod. Hij legt uit dat die iets minder hevig is in Catalonië dan in andere delen van Spanje omdat het noordoosten altijd erg welvarend was, een soort van ‘Zwitserland aan de Middellandse zee’, al is de situatie er nu een stuk minder zorgeloos. ‘Zou je er ooit zelf willen wonen?’ vraag ik. ‘Wel aan gedacht, maar nu is niet het moment en er moet ook behoefte zijn aan je werk.’ De naam van don Quijote valt als ik hem vraag naar een treffende Spaanse quote. ‘Dit citaat had ik op het geboortekaartje van m’n zoon gezet: “Sábete, Sancho, que no es un hombre más que otro, si no hace más que otro”.’ De tijd is omgevlogen, het is inmiddels half zes, hij moet z’n zoon ophalen en ik ga nog even naar het Sarphatipark voor foto’s. Met een ‘wie weet tot een volgende keer’ nemen we lachend afscheid.
Marjelle

@kamasys draait La Estrella van Vicente Amigo & Estrella Morente

‘Interview with @kamasys’ (English version)

I see a train standing in the distance and start running towards it. ‘Is this one going to Amsterdam Amstel?’ I ask somewhat out of breath. Thank god, I’ve jumped into the right train. At half past three I have an appointment with @kamasys in de Pijp, if the journey with line 12 goes as smoothly I will be on time. One hour and a half later I walk up the terrace of Kofi-T and find him already seated at a table, I recognize his face from his avatar. Friendly smile, searching eyes, I pull out a chair in the sun. After my tea has arrived I give him a present, ‘because you’ve helped me on several occasions with computer problems and Spanish’, I explain when I see the surprised look on his face. He tells me that people in Spain never unwrap their gift in front of the one that gives it to them, it prevents painful moments and cliché reactions like ‘well, you réally shouldn’t have done that!’ ‘Yes, I can imagine’, I say.

The present remains wrapped up and I take out a pen and notebook. He’s been active on Twitter for almost two years now and follows some people more intensive then others, for instance @timatweets, and @Stefan_Louwers, the latter he also has met. Soon politics come up, he is a left liberal and always votes with a touch of fresh antipathy. In September when the next elections are held he considers voting for @MarietjeD66. His tweeps are both on the left and right side of the political spectrum, like @wltrrr or @jortkelder who calls himself an anarcho-liberal, a typification that also appeals to him. @yoanisanchez is a special lady, he follows her closely, she twitters from Cuba without an internet connection in spite of all dictatorial oppression. The conversation turns to Wilders and Fortuyn, he loathes the first and the other one made him laugh, a real drama queen according to him.

‘Someone who opposes the government in a decent way has to be treated decently, someone who is an asshole has to be treated like an asshole, I would know what to do’, he says with conviction, ’I’ll face confrontation if I have to.’ He talks about the junk that used to wander about in de Pijp and whom he regularly confronted with his behaviour, ‘I was so fed up with his junkie ways.’ Now he lives on the south side, part of Berlage’s Plan Zuid, a more quiet area, he likes the variety, the friendly and relaxed atmosphere. In daily life he teaches Spanish, www.spaansleren.nl, he rides his bicycle or motorbike to his clients and gives them private lessons at home, one of his customers was Maurice de Hond whom he taught for more than a year. He’s also a web developer. Apart from his Snoek tweets I remember a few motorbike tweets and ask him what kind of motorbike he has. ‘A Voxan, in the early days I went on holiday to Spain on a Moto Guzzi’, and adds, ‘but not anymore, I now have a wife and kid, he’s only six, too young to ride on the pillion.’

‘How did you meet her?’ I ask. ‘I saw her in a Spanish pub in Amsterdam and immediatley thought “I’m going to talk to her”, it was love at first sight for me.’ They had a lot of  things in common, not only did she study Spanish at the time, she also often visited the Costa Brava, a region he knew well. ‘She’s a very good dancer, the first night we decided to take a tango course together, but it took a long time before I got the knack of it.’ He also talks about his interest in mechanical devices, the fun of dismantling things or putting them together when they’re broken, and about photography, another hobby of his. ‘When I was a boy I always dreamed of a Leica and now I have one.’ He takes pictures of the things he likes, mostly on the street. I admire his camera and show him my somewhat shabby one with which I’m still quite happy.

The economical crisis in Spain also comes up. He explains that it’s less severe in Catalonia than in other parts of Spain because the north east always was more prosperous, although the situation now is not so carefree. ‘Did you ever consider living there?’ I ask. ‘I’ve thought about it, but now is not the right moment and there has to be a need for your skills.’ The name of don Quijote pops up when I ask him if he knows a striking Spanish quote. ‘I put this one on the birth notification of my son: “Sábete, Sancho, que no es un hombre más que otro, si no hace más que otro”.’ Time flies, it’s already half past five, he has to fetch his son and I’m going to Sarphatipark to take some photos. ‘Maybe till next time’, we say and part with a smile.
Marjelle

@kamasys plays La Estrella Vicente Amigo & Estrella Morente

Advertenties

Beeld van een tweep (1) – Slangen bezweren met @LoAnna_66

Na een gesprek met de woningbouwconsulente waarbij ik gelukkig stoom kan afblazen pak ik m’n spullen bij elkaar.  Om 14.46 uur vertrekt de trein vanaf Rotterdam CS naar Vlaardingen Centrum waar ik heb afgesproken met m’n eerste tweep. In de verte zie ik @LoAnna_66 al staan, net als ik niet zo groot, en zoals ze in haar PB schreef, gekleed in paars en zwart. We besluiten ondanks het miezerige weer via de haven naar het centrum te lopen. Een tijd geleden dat ik er was, de laatste keer met een kennis op het Zomerterras. Druk pratend slenteren we door de stad en strijken neer bij Ka & de Bolle. Het voelt best vertrouwd, al hebben we elkaar nooit eerder ontmoet en beperkte ons contact zich tot dusver tot wat heen en weer getweet.

Sinds drie jaar twittert ze, toen ze van haar nichtje hoorde dat de Backstreet Boys, een van haar favoriete bands, hun laatste nieuwtjes tweetten ging ze overstag. Het bevalt haar wel, ‘vroeger belde je elkaar op en nu kan je gewoon in woord en beeld dingen kwijt.’ Ik ben benieuwd naar haar werk, hobbies en relatie. Ze is al negen jaar samen met D. waarvan zeven samenwonend, hij werkt op een booreiland en is meestal twee weken weg en dan weer twee weken thuis. Ze vindt het prima zo. ‘Waar viel je op toen je hem voor het eerst zag’, vraag ik. ‘Zijn ogen, de hele uitstraling, hij was stoer gekleed, maar had ook iets schattigs.’ Ze vervolgt ‘en zijn humor, je kunt zoveel lol hebben met die gozer. Hij is ook straight to the point, meer weloverwogen, ik ben juist een flapuit.’

Het gesprek komt op de dieren die ze samen hebben, D. wilde altijd al graag reptielen, bij haar is dat later gekomen. Toen ze haar eerste rattenslang bij Anaconda zag was ze meteen verkocht. Daarna zijn er ook nog koningspythons, steppevaranen, boa constrictors en luipaardgekko’s bijgekomen. De hele beestenbende staat in de huiskamer in verschillende terrariums. ‘Wat trekt je aan in reptielen?’ Ze denkt even na, ‘hoe ze eruitzien, je kan er lekker mee kroelen, hun huid is fluweelzacht. Af en toe ga ik ook ’s avonds met een slang op de bank liggen.’ ‘Vinden ze dat eigenlijk leuk’, informeer ik nieuwsgierig. ‘Meestal wel en anders laten ze het merken, dan hangen ze in je vingers.’ Behalve slangachtigen hebben ze ook nog twee katten en Nero, een Mastino Napolitano, hij komt regelmatig in tweets voorbij.

‘Het is een lieverd, je kunt er alles mee doen, hij is niet boos te krijgen.’ Ze weet dat ik bang ben voor grote honden dus heeft ze hem vanmiddag thuisgelaten. ‘Als ik krap zit met geld, dan koop ik trouwens eerder voer voor m’n beesten dan voer voor mezelf.’ Dat doet me denken aan inkomen en politieke voorkeur, ‘op welke partij stem je’, vraag ik. ‘Ik ben lid van de SP, ben nog een tijd actief geweest en heb in het bestuur gezeten van ROOD, de jongerenorganisatie, maar toen kwam het leven tussendoor en ben ik andere dingen gaan doen.’ ‘Waarom SP?’ ‘Eerlijk delen, goed kijken waaraan de subsidies met name in de zorg worden gegeven.’ Ik herinner me dat ze sinds een aantal maanden een nieuwe baan heeft in de thuiszorg.

‘Wat heb je daarvoor gedaan?’ Ze vertelt dat ze eerst in Schiedam de opleiding Verzorgende IG heeft gevolgd en later nog een aantal jaar op de Verpleegkundige opleiding heeft gezeten. Vervolgens heeft ze zeven jaar als groepsbegeleidster in een verpleeghuis gewerkt met mensen met somatische en psychiatrische klachten. ‘Dat heb ik met veel plezier gedaan’, vertelt ze, ‘maar het werd tijd voor iets nieuws en mijn huidige baan geeft meer uitdaging en bevalt me goed.’ Ze houdt van de afwisseling, elke cliënt heeft een eigen verhaal, een eigen aanpak. De tijd vliegt voorbij, opeens is het 17.00 uur, ze moet Nero nog uitlaten voordat om 18.00 uur haar dienst begint. We nemen afscheid, op de valreep bedank ik haar voor het lekkere pistoletje-kaas en loop op m’n gemak terug naar het station.
Marjelle

@LoAnna_66 draait For the good times van Johnny Cash

Beeld van een blogger (14) – Ik wil alleen maar zwemmen!

(14)
Tijdens m’n reis naar het Land van Maas en Waal passeert de trein een aantal slaperige stationnetjes, door het raam flitst een groene lappendeken met hier en daar plukjes koeien en paarden voorbij. Ik ben benieuwd hoe deze ontmoeting zal verlopen, voor het eerst ga ik naar een jarige blogger toe en zal ik ook haar familie en een paar vrienden ontmoeten. Als ik met weekendtas en laptop om m’n nek het station uitloop zie ik een vrouw staan bij de bushalte. We begroeten elkaar, het is inderdaad Suiker. Ik stap bij haar in de auto en we gaan op weg naar de camping waar ze al vaker over heeft geschreven. Binnen word ik verwelkomd door de hele familie, vier kinderen plus aanhang en ex-man, zelfs Koko, de grijze roodstaartpapegaai doet een duit in het zakje. Het is even een beetje onwennig tussen allemaal vreemden, maar iedereen is hartelijk en ik besluit het gewoon over me heen te laten komen. Leuk zo’n druk, hecht gezin, ik kijk er met enige verwondering en vertedering naar, ik kom zelf uit een heel ander nest.



Na een paar koppen thee
brengt Suiker me naar het Bed & Breakfast waar ik die nacht zal slapen. Mooie, ruime kamer, ik pak m’n spullen uit en check nog even inkomende mail en tweets op m’n laptop. De camping ligt gelukkig vlakbij, op m’n gemak loop ik weer terug en let op of ik onderweg geen loslopende honden tegenkom. Inmiddels is het gezelschap uitgebreid en even later arriveert ook C., een goede vriend. Een opvallende man met lieve ogen waar ik al snel mee aan de praat raak over dierenwelzijn en biologische veeteelt.  Hij is momenteel bezig in Gambia met het opzetten van een landbouwproject. Hét moment ook om even in de schuur te gaan kijken waar ik samen met middelste zoon B. en vriend de witte en zwarte Suiker-kuikens bewonder die onder de warmtelamp ronddartelen.

Op de tafel staan allerlei lekkere hapjes uitgestald, ik besmeer een stokbroodje en praat ondertussen met dochter M. Ze vertelt over de précampingperiode toen ze nog in een rijtjeshuis in Doetinchem woonden, kijkt me lachend aan en zegt, ‘we zijn ook normaal geweest, hoor!’ Rond elven besluit het hele gezelschap naar een kroeg in de buurt te gaan, ik stap bij Suiker in de auto. Het valt me op dat er vooral mannen aanwezig zijn. Later verkassen we naar het café van Peer in een nabijgelegen dorpje. Ik moet glimlachen als ik naar mezelf kijk, het is midden in de nacht en vele glazen rode wijn later, ik bevind me in een kroeg ergens in the middle of nowhere en praat met inmiddels meer en minder onbekenden. Het is een van de meest memorabele ontmoetingen, bedenk ik. Rond half drie is oudste zoon B. zo aardig om me bij m’n B&B af te zetten. Als we stilletjes naar binnen lopen slaat de hond aan. Gelukkig is hij handiger met de sleutel dan ik, dankzij hem kom ik m’n kamer binnen.

De volgende dag neemt Suiker me mee naar naar een dorp in de buurt waar we verder praten op een winderig terras met uitzicht op het water. Ik voel me nogal brak na vannacht en zij gaat na de koffie meteen aan de Ibuprofen. Ze vertelt over de periode in Doetinchem toen ze geen werk had en op het idee kwam om een picknickservice op te zetten. ‘Leuk, mandjes voor twee personen naar het bos brengen’, ze zag het helemaal voor zich. Dat idee sloeg zo aan dat in no time haar huis bomvol spullen stond. Toen vervolgens de Warenwet zich met haar keuken ging bemoeien moest ze op zoek naar een bedrijfsmodel. Helaas waren die onbetaalbaar wat het einde betekende van haar cateringavontuur, maar wel het begin was van een nieuw. Al surfend was ze op Internet een restaurant tegengekomen wat zij en haar toenmalige man wilden overnemen. Ook de kinderen zagen het wel zitten, dus er leek geen wolkje aan de lucht.



Helaas duurde
de restaurantperiode maar kort, met stookkosten die de pan uitvlogen en tegenvallende inkomsten werd na anderhalf jaar het faillissement uitgesproken. Toch heeft ze er geen spijt van, ze hebben ook mooie dingen meegemaakt. Vervolgens brak er een heel zware tijd aan, geen woonruimte, geen geld, het gezin viel uit elkaar, haar dochter en middelste zoon gingen het huis uit en na dertien jaar kwam er ook een einde aan haar tweede huwelijk. Wat heb je in die periode als het meest moeilijke ervaren, vraag ik haar. Ze vertelt dat ze het emotioneel heel zwaar heeft gehad met alles en er spijt van heeft dat ze haar kinderen zo hard heeft laten werken toen. Vorig jaar zat ze er helemaal doorheen, maar werd toch al vrij snel na het faillissement parttime gastvrouw in een buurthuis, daarna heeft ze nog diverse baantjes gehad.

Momenteel werkt ze elke vrijdag als kok in een restaurant. Ze moet nog steeds verplicht solliciteren op banen van veertig uur, al wil ze dat liever niet in verband met D., de jongste van acht, die ook veel aandacht nodig heeft. Recent heeft ze gereageerd op de vacature van redacteur-kok bij een kookmagazine, een baan die haar op het lijf geschreven is. Helaas ging uiteindelijk toch de voorkeur naar een andere kandidaat. Gelukkig heeft ze een schappelijke curator schuldsanering die wel enig begrip voor haar situatie heeft. Ze legt uit dat ze kort geleden zelfs een noodbrief aan de kerk heeft gestuurd omdat ze de 700,00 € die nodig was om de caravan brandveilig te maken niet kon betalen en anders afgesloten zou worden van water en licht. In dit geval bood de kerk een helpende hand.

‘Wat vind je het vervelendste en het leukste van op de camping wonen?’ Ze denkt even na, ‘het vervelendste is de onzekerheid, de eisen van het bestemmingsplan worden steeds meer aangetrokken en het is de vraag of je op den duur hier permanent mag blijven wonen’. Ze vervolgt, ‘het leukste is de vrijheid, net een beetje of je buiten de maatschappij zit en voor de jongste is het ook heerlijk!’ ‘Je hebt leuke kinderen’, zeg ik tegen haar. Ze glimlacht instemmend. ‘Kun je bij alle vier een korte quote geven, wat komt er als eerste in je op als je aan ze denkt?’ Ze begint bij die van acht, ‘het is echt een heel lief jongetje!’ en vervolgt met die van negentien, ‘hij is creatief en gevoelig’. Over die van eenentwintig zegt ze, ‘hij is een avonturier in alle opzichten’. Ten slotte komt die van drieëntwintig aan bod, ‘zij is mij in het kwadraat!’



Haar favoriete film
is ‘One Flew over the Cuckoo’s Nest’, net als ik heeft ze die vaak gezien.  Op boekengebied noemt ze Stephen King, ze heeft alles van hem. ‘Beekman en Beekman’ van Toon Kortooms heeft ook indruk gemaakt en verder leest ze graag Jan Wolkers, J.M.A. Biesheuvel en Renate Dorrestein. Tv kijkt ze erg weinig, al maakt ze een uitzondering voor ‘Eastenders’, een soap die door de BBC uitgezonden wordt. Ze houdt van veel verschillende muzieksoorten, afhankelijk van haar bui draait ze de ene keer Bon Jovi, de andere keer Jim Reeves of Simon & Garfunkel. Als het gesprek op sporten komt zucht ze hartgrondig, ze houdt er helemaal niet van en heeft dan ook geen conditie. Ze vertelt me over die keer dat ze hijgend een heuvel op probeerde te komen en een kwartier later nog steeds buiten adem was. Op de vraag ‘wie zou jij kiezen als je deze serie deed?’ antwoordt ze Appelvrouw.
Marjelle

Suiker draait:
Adele

*Ik wil alleen maar zwemmen Spinvis

Kijkje achter de schermen bij ‘Beeld van een blogger’

Aan het begin van De reünie vertelt Rob Kamphues een aantal bijzonderheden over de klasgenoten die elkaar nu zoveel jaar later weer in de schoolbanken terugzien. Wie is er uiteindelijk miljonair geworden? of Een van jullie heeft een aantal jaar in de gevangenis gezeten. Aan het eind van het programma zijn alle vragen beantwoord, maar dat doe ik hier niet. Na 13 bloggers in beeld volgt nu een overzicht van blog(w)aardigheden, om welke persoon het gaat laat ik in het midden, slechts een tip van de blogsluier wordt opgelicht.


• Eén blogger* praatte nog sneller dan ik.
Voor publicatie stuur ik iedereen het blog ter lezing, één blogger ging daarbij wel bijzonder eigengereid te werk, hij stuurde het stuk in gewijzigde vorm terug met een andere titel erboven.
Er was ook een blogger die er uitsprong wat betreft interesse in mij, hij stelde vragen over míjn leven.
Een van de aardigste bloggers communiceerde op zo’n andere manier dat het voor mij soms bijna niet te volgen was, dat blog schrijven heeft me dan ook echt bloed, zweet & tranen gekost.
Een andere blogger viel op door het aantal katten.
12 van de 13 bloggers hebben me getrakteerd, dat varieerde van een paar drankjes tot complete maaltijden.
Eén blogger deed me een beetje aan mezelf denken qua speelsheid, enthousiasme en felheid.
Er was er ook eentje bij die totaal anders was dan de schrijfstijl deed vermoeden, een verschil van dag en nacht.
Op één plaats werd zoveel gerookt dat ik het ter plekke benauwd kreeg.
1 van de 13 bloggers bood me zelfs een bed aan, waar ik later ook dankbaar gebruik van heb gemaakt.
Bij één blogger kwam ik in zo’n andere wereld terecht dat ik even moest acclimatiseren.
Weer een andere blogger had besloten dat onze middagafspraak een avondvervolg zou krijgen en had al een tafel gereserveerd, hij was alleen vergeten mij te vragen of ik dat ook wilde.
Marjelle

A sunday smile Beirut

*Met ‘blogger’ wordt steeds M/V bedoeld

Beeld van een blogger (13) – Vrouw van weinig woorden?

(13)
Deze keer brengt m’n afspraak
me weer in mijn geboortestad Den Haag. Voor de deur van Dudok zie ik een fiets met rode bloemetjes staan, ze is er al. Ik loop de brasserie binnen en kijk nieuwsgierig om me heen, de Rotterdamse variant ken ik wel, maar de Haagse is nieuw. Een grote ruimte, niet ongezellig, het is er rustig deze dinsdagavond. Ik probeer een glimp van Beeldsprekers op te vangen, op dat moment komt een slanke vrouw met koperkleurig haar glimlachend op me af. Als ik haar een hand geef vallen me de zachtroze gebreide vingerloze handschoentjes op.

Nadat we een tafeltje aan de muur hebben gekozen, vertelt ze hoe ze met bloggen begonnen is. Eerst schreef ze op het subdomein van haar vriendin in Spanje, waar ze nog steeds een handgeschreven correspondentie mee voert. Dat heeft de aanzet gegeven tot het Beeldsprekersblog bij de Volkskrant, zij plaatste een foto en een vriendin zorgde voor de tekst. Na een tijd is ze solo verder gegaan met louter foto’s. Momenteel blogt ze onder dezelfde naam op WordPress, doordeweeks alleen, op zaterdag samen met Moleskine. Zij maakt een foto waarna hij er een tekst bij schrijft, niet alleen leuk om te doen, het werkt bovendien inspirerend.

Inmiddels heeft ze na de basisopleiding ook de deeltijd vakopleiding Fotografie aan de Fotovakschool in Rotterdam afgerond. Ze weet nog niet of ze in november doorgaat met de specialisatie landschap- en architectuurfotografie. Dat besluit valt na de zomer als zij en haar vriend terug zijn van een zonnige zeilvakantie op hun pas gekochte zeilschip wat nu nog in Turkije ligt. ‘Hoe lang kennen jullie elkaar?’ informeer ik. ‘Al vanaf m’n elfde, hij was een studievriend van m’n oudste broer en we kwamen elkaar elk jaar op de barbecue van m’n broer tegen’. Bij een van die ontmoetingen, nu tien jaar geleden, sloeg de vonk over.

‘Wat vind je het leukste aan hem?’ vraag ik. ‘Hij is heel attent’, ze noemt als voorbeeld die winterse keer dat zij vroeg op moest en hij net iets eerder wakker was en zei ‘blijf nog even liggen, dan zet ik de kachel voor je aan’. Als ik over haar schooltijd begin, vertelt ze over de hartspierontsteking die ze op haar elfde kreeg, iets wat vijf jaar lang veel impact heeft gehad. ‘Je hebt nooit gepuberd’, zei haar moeder later. ‘Ik heb toen besloten om niet dood te gaan’, zegt ze, ‘en heb sindsdien een beetje het gevoel dat ik leef in geleende tijd, alles wat nog komt is meegenomen’. Inmiddels is ze 100% beter verklaard, kort geleden kreeg ze van de cardioloog te horen dat ze voor het eerst in vijfentwintig jaar niet meer terug hoefde te komen voor controle.


Op het vwo koos ze voor een B-pakket – ‘ik heb geen wiskundeknobbel maar een talendeuk’ – daar ontstond wel haar liefde voor Engels dankzij een bijzondere lerares. Het is dan ook geen toeval dat haar lievelingsboeken ‘Winter’s Tale’ van Mark Helprin en ‘The Shipping News’ van Annie Proulx van Engelstalige auteurs zijn. Na de heao heeft ze een deeltijd rechtenstudie gevolgd bij de LOI, vervolgens is ze de Beroepsopleiding Bedrijfsjuristen gaan doen. ‘Ik vind het leuk om te blijven studeren’, licht ze toe. Na een aantal mooie jaren onder andere bij het Cirque du Soleil waar ze te maken had met contractafhandeling werkt ze nu vier dagen per week als bedrijfsjuriste bij een klein internationaal bedrijf in Leiden waar de voertaal Engels is.

Naast werk, studie en lief maakt ze ook nog tijd voor een aantal andere hobby’s behalve fotograferen met haar zakformaatcamera en Olympus-spiegelreflex. Twee keer per week gaat ze op en neer naar ’t Gooi om met haar verzorgpaard te draven en drie keer per week loopt ze zelf hard. ‘Het is een soort van verslaving’, geeft ze toe. Ook al is ze dol op paarden, toch at ze vroeger wel paardenvlees. Verder houdt ze erg van lekker eten, haar favoriete gerecht is noedelsoep met kokosmelk*. Ook aan haar stel ik de vraag ‘welke blogger zou jij kiezen als je deze serie deed?’ Na een korte denkpauze antwoordt ze ‘100_woorden’.

Films die indruk op haar hebben gemaakt zijn ‘The Piano’ en ‘Das Leben der Anderen’. Net als ik is ze een fan van de Engelse detectiveserie ‘Inspector Morse’, maar ook ‘Silent Witness’ en ‘Dalziel & Pascoe’ kunnen haar bekoren. ‘Midsomer Murders’ spreekt haar vooral aan vanwege de combinatie ‘zoetsappig met gemene streken’. Actualiteitenprogramma’s worden vaak te laat op de avond uitgezonden, maar ’s ochtends bij het ontbijt kijkt ze altijd wel het journaal. Op muziekgebied zijn het alleen vrouwennamen die in eerste instantie naar boven komen, Alanis Morissette, Adele, Sheryl Crow, Björk, Billie Holiday en Shirley Bassey passeren de revue. Simple Minds is de laatste band die ze live gezien heeft een aantal jaren geleden in 013.

Ten slotte komt het gesprek op politiek, ze noemt zichzelf een zwevende kiezer, de laatste keer heeft ze op de Partij voor de Dieren gestemd. ‘Stemmen is een recht, maar het zou een plicht moeten zijn’, vindt ze. Als ik vraag welke politicus haar in negatieve zin is opgevallen, valt onmiddellijk de naam van Wilders. Verder maakt ze zich druk over de aanschaf van kerncentrales. ‘Bizar dat we net een kernramp hebben in Fukushima en er in Nederland nu nog steeds een discussie is over wel of geen nieuwe kerncentrales terwijl er niet eens een oplossing is voor kernafval’. Ook zaken als het uitsterven van diersoorten zoals de blauwvintonijn gaan haar aan het hart. Inmiddels is het laat geworden, ze loopt met me mee naar het station waar ik nog gauw even een paar boodschappen haal bij de AH to go.
Marjelle

Beeldsprekers draait:
Boudewijn de Groot

* Noedelsoep met kokosmelk
Benodigdheden
– ui
– scharrelkipfilet in reepjes (of tofoe of Quorn)
– zak gesneden Thaise groente
– eiernoedels
– blik kokosmelk
– kruidenbouillonblokje
– gemberpoeder
– ketjap
– sambal
– olijfolie

  • Fruit de gesneden ui in olijfolie tot de stukjes ui glazig zijn, doe de kip erbij, voeg een flinke scheut ketjap toe en bak tot de kip gaar is;
  • voeg nu de groente toe en roerbak even.
  • giet dan het blik kokosmelk erbij;
  • voeg het kruidenbouillonblokje toe;
  • laat het geheel kort koken;
  • voeg noedels en water toe zodat het een soep blijft;
  • breng het gerecht vervolgens op smaak met sambal en gemberpoeder (de noedels moeten gaar zijn en de groente moet een bite houden).
    Eet smakelijk!

Beeld van een blogger (12) – Man met een mening!

(12)
De reis naar Schiphol verloopt voorspoedig, om 13:15 uur kom ik aan op het perron, ruim op tijd voor mijn afspraak met m’n twaalfde blogger. Ik besluit nog even snel naar het panoramaterras te gaan om een paar foto’s te maken. Het is een prachtige zonnige dag en ik geniet als ik even later uitkijk over de wereld die Schiphol is. Het is alleen een stuk verder dan ik gedacht had, dus ik haast me terug naar de roodwitte kubus waar we hebben afgesproken. Op het bankje ernaast zie ik een bekend gezicht, Meneer Opinie kijkt vermoeid voor zich uit, hij is net geland uit Panama. We begroeten elkaar hartelijk en beginnen meteen druk te praten, hij bijna nog sneller dan ik. In de verte doet zijn stem denken aan die van Herman van Veen.

Vlakbij bevindt zich een Délifrance Plaza met buitenterras, bij een kop koffie en een tonic & thee zetten we onze kennismaking voort. Hij komt nog vrij energiek over na een vlucht van ruim tien uur. Sympathieke man met gevoel voor humor en to the point, daar hou ik van, niet van mensen die overdreven aardig doen en het uiteindelijk niet zijn. IJverig begin ik aantekeningen te maken terwijl het oorverdovende geschraap van zinken stoelen op het drukke terras me regelmatig afleidt en de zon brandt op m’n gezicht. Hij heeft biologie gestudeerd aan Hogeschool Wageningen, vertelt hij, daar heeft hij ook mevrouw Opinie ontmoet die dezelfde studie volgde. In 1991 is hij samen met haar vertrokken uit Nederland om in Zimbabwe onderzoek te doen naar het gedrag van de tseetseevlieg.

Hij praat enthousiast over die tijd, ze woonden in Harare in een huis met zwembad. De meeste mensen spraken er Engels, ook de voorzieningen waren goed, het was een soort van ‘Afrika voor beginners’. Zijn vrouw werkte ondertussen als vrijwilligster bij duurzame landbouwprojecten. De afspraak was dat de keer erna de rollen omgedraaid zouden worden, dan zou  Meneer Mevrouw naar verre oorden volgen. Toen na drieëneenhalf jaar zijn promotieonderzoek in het het Mana Pools National Park was afgerond, kwam er helaas een eind aan deze ‘onderzoeker in het wild’-periode. Eenmaal in Nederland moest hij eerst nog een proefschrift schrijven, in diezelfde periode kreeg zijn vrouw een baan in Mozambique aangeboden.

Ruim een half jaar later reisde hij haar achterna, precies zoals indertijd was afgesproken. Hij kwam in een onbekende omgeving terecht waar zijn vrouw inmiddels al behoorlijk ingeburgerd was en besloot zo snel mogelijk Portugees te leren. Hun huis keek uit op de Indische Oceaan en ze gingen om met ‘een leuke club mensen’, een mix van buitenlanders en locals. Het was drie jaar na de burgeroorlog, de bevolking was straatarm, maar al snel verbeterde de levensstandaard, op een gegeven moment zag je zelfs omaatjes in een ‘I’m too sexy for my shirt’-hemd rondlopen. Hij werkte er als freelancer voor GTZ en niet-gouvernementele organisaties zoals Vetaid. Hun droom was een eco-hotel te beginnen in de ongerepte Mozambikaanse natuur, maar door corruptie en tegenwerking resulteerde dit uiteindelijk in een nachtmerrie en besloten ze voor Panama te kiezen.

Wat is het meest opvallende van dit land, vraag ik hem. Panamezen zijn een ondernemend volk, vertelt hij, en over het algemeen ook veel beter opgeleid, het landschap is mooi, zo’n beetje ‘de tropische versie van Nederland in de jaren 50’. Hij gaat verder, ‘er is kleinschalige landbouw en er zijn prachtige stranden’. ‘Jammer dat het zo ver weg is’, zeg ik, ‘ik krijg zin om ernaar toe te gaan’.  In 2006 zijn ze op een herbebossingsvisum binnengekomen, de beginperiode hebben ze in Panama Stad gebivakkeerd. Later toen ze hun droomplek in Palmilla hadden gevonden, een piepklein dorpje met slechts zeventien huizen, zijn ze daar neergestreken. Hier staat hun hotel, het lieflijke Heliconia vernoemd naar een tropische bloem, omzoomd door acht hectare grond. Eén van de eerste dingen die ze gedaan hebben was bomen planten, lokale houtsoorten zoals mahonie, ebbenhout, Spaanse ceder, soorten die veel vogels aantrekken. Zijn lievelingsvogel is de langsnavelsterkeelkolibrie.

Niet alleen heersen er tropische temperaturen en is het strand slechts 1500 m ervandaan, ook paarden, zeeschildpadden en dolfijnen bevinden zich in de nabije omgeving. Op 50 km ligt het prachtige natuurpark Cerro Hoya. In datzelfde jaar hebben ze Tanager Tourism opgericht. Eind 2007 werd hij toen gevraagd door de GFA Consulting Group om twee jaar in Angola te komen werken als ‘technical expert’. Aangezien het hotel nog in de steigers stond, er geld nodig was en hij het een uitdagende baan vond is hij op dat aanbod ingegaan. In de praktijk betekende dit wel dat hij mevrouw Opinie in die hele periode maar twaalf weken heeft gezien en dat was zwaar. Begin 2010 opende het hotel uiteindelijk zijn deuren. Mevrouw Opinie is degene die meestal voor de gasten kookt, een populair Indiaas gerecht is yoghurtrijst*. Ze eten ook Hollandse pot, hij is dol op rode kool met hachee. Naast alle drukke werkzaamheden zijn ze beiden ook nog freelance consultants.

Het gesprek komt op muziek, hij houdt van jazz, maar ook van Nick Cave, Beck en Lou Reed. Ik vraag naar zijn favoriete films. ‘Kaos’, ‘Lolita’, ‘The Sheltering Sky’ en ‘Round Midnight’ zijn de eerste titels die in hem opkomen. Een tv hebben ze niet, via de Volkskrant-site en de lokale krant El País houdt hij zich op de hoogte van het nieuws. De boeken die het meeste indruk gemaakt hebben zijn ‘Het land van herkomst’ van Du Perron, ‘Reis naar het einde van de nacht’ van Céline en ‘Lolita’ van Nabokov. ‘Ik heb een voorkeur voor schoften’, licht hij  zijn keus toe, ‘die zijn veel interessanter dan heilige boontjes’. Als ik hem vervolgens vraag welke blogger hij zou kiezen als hij deze serie deed, antwoordt hij Doortje.

Inmiddels zijn we al een aantal uur aan het praten, maar over politiek hebben we het nog nauwelijks gehad. Ik informeer wie zijn favoriete en minst favoriete politicus is. Onmiddellijk valt de naam van Geert Wilders, ‘wat me het meest irriteert is de enorme hypocrisie van die man’. Ook Hero Brinkman wordt in één adem genoemd. Sowieso kan hij zich kwaad maken over politici die zichzelf en anderen wat wijsmaken. ‘Bijvoorbeeld iets “enhanced interrogation techniques” noemen, zeg toch gewoon dat je mensen martelt’. Ik knik instemmend, het zijn zaken waar ik me ook vaker over opwind. ‘Het is heel moeilijk om een politicus op een waarheid te betrappen’, voegt hij eraan toe. Een echte favoriet heeft hij niet, maar Jan Marijnissen vond hij het zeker niet slecht doen.

Verder kan hij zich ook druk maken over waarom er zo weinig geld aan de bestrijding van de malariamug besteed wordt terwijl er elk jaar één miljoen kinderen in Afrika sterven en alle technieken in huis zijn om malaria uit te roeien, alleen de politieke wil ontbreekt. ‘Degenen die toen verantwoordelijk waren voor het verbod op DDT en dat erdoor gedrukt hebben, zoals Rachel Carson en William Ruckelshaus, zouden voor een tribunaal moeten worden gesleept’, zegt hij fel en doet de titel eer aan. Ik wil nog even een paar laatste dingen weten en vraag of hij nog iets mist van Nederland. ‘Drop’, hij grinnikt. ‘Je komt ook minder in contact met cultuur, zoals theater en dans’, en vervolgt, ‘ik ben het wel ontwend na al die jaren en heb nu meer een thuisgevoel in Panama bij m’n vrouw en ons hotel’.

Wat vind je het leukste aan haar, informeer ik. ‘Dat ze onafhankelijk is op het eigenwijze af en intelligent. We wilden ook allebei geen kinderen en hadden dezelfde droom om in het buitenland te werken aan een betere wereld en niet zozeer werken voor een hoog salaris’. Via mail stel ik dezelfde vraag aan mevrouw Opinie. ‘Het leukste is denk ik het enthousiasme van hem en daarbij de enorme dedicatie waarmee hij zich vastbijt om iets vol te houden of uit te voeren. Ik geniet daarvan (zeker omdat ik zelf ook regelmatig het onderwerp ben van die dedicatie ; )). Ik denk dat we samen veel dingen aankunnen waar de meeste mensen niet eens aan durven te beginnen. Samen sterk, en we hoeven dus ook niet achterom te kijken naar hadden we dit of dat maar gedaan… Kees houdt van mij en ik van hem en dat is geweldig leuk’.  Heb je nu nog dromen, vraag ik hem ten slotte. ‘Ja’, zegt hij, ‘ons babybos moet groeien tot er uiteindelijk ara’s en apen in kunnen leven!’
Marjelle

Meneer Opinie draait:
Gare du Nord

* Yoghurtrijst (Masuru anna) op Opiniaanse wijze
(Uit: ‘A taste of India’, Madhur Jaffrey)
Voor 2-3 personen

  • 100 gr witte rijst wassen en daarna 25 min. in water laten weken;
  • ondertussen 250 ml yoghurt en ½ tl zout samenkloppen;
  • 2,5 cm verse gember schillen en fijnsnijden, vervolgens 2 groene hete pepertjes (of 2 tl groene chilisaus gebruiken) en 1 tl verse koriander fijnsnijden;
  • roer dit door de geklopte yoghurt;
  • water koken,  als het aan de kook is gebracht de geweekte rijst toevoegen en 15 min. stevig laten doorkoken;
  • daarna afgieten en mengen met de geklopte yoghurt en de ingrediënten;
  • in een pan 1 el olie verhitten (geen olijfolie) op middelmatig vuur [we koken op gas] en dan 1 tl mosterdzaad toevoegen [wij hebben alleen de gele variant];
  • als de zaadjes beginnen te poppen, voeg je 2 tl gespleten rode linzen (dahl) toe, fruit die ca. 1 min.;
  • doe er curryblaadjes bij (geen laurierblaadjes!) en na 1 min. droge rode chilipepers (of 1 tl cayennepeper);
  • even al roerend bakken, daarna alles over de yoghurtrijst gieten en kort roeren (tot de curryblaadjes stuk knisperen);
  • serveren op kamertemperatuur, erg lekker bij verse tonijn met tamarindesaus.
    Eet smakelijk!

Beeld van een blogger (11) – In gesprek met… Hiraeth

Eerder verschenen in deze serie:
Beeld van een blogger (1) – Kuzz voor Guzz
Beeld van een blogger (2) – Gewoon gelul, Trektocht!
Beeld van een blogger (3) – Back to where I once belonged met Annelies!
Beeld van een blogger (4) – Op z’n Rotterdams met Marius!
Beeld van een blogger (5) – So what, man!
Beeld van een blogger (6) – He blew me away!
Beeld van een blogger (7) – Kiezels in m’n schoenen
Beeld van een blogger (8) – Tweestemmig met Geroma!
Beeld van een blogger (9) – Met Henk op het Binnenhofplein
Beeld van een blogger (10) – Apies kijken?

(11)
Het is precies 12.00 uur
als ik in hotel De Zalm arriveer. Ik kijk speurend om me heen, begroet een man die ik ten onrechte aanzie voor een medewerker en kies een tafeltje aan de muur. M’n mobieltje galmt opeens door de ruimte, het is Hiraeth, ze staat vast in het verkeer en komt er zo snel mogelijk aan. ‘Ik zit al aan de thee’, zeg ik. Even later stapt een kleine, tengere vrouw het lokaal binnen, donker haar omlijst een lief gezicht. Het is net alsof we elkaar al langer kennen zo moeiteloos verloopt het gesprek. Van huis uit is ze Antwerpse, enig kind, haar Nederlands heeft een charmant Belgisch tintje, inmiddels woont ze alweer achttien jaar in een plaatsje vlak bij Gouda. Wat mis je het meest van Antwerpen, vraag ik. ‘Ik mis de taal heel erg, de jovialiteit, de prettige onbehouwenheid, en dat je overal kan binnenstappen en goed kan eten.’

Haar favoriete restaurant is ’t Hofke, wie weet ga ik daar ook eens langs als ik de volgende keer in Antwerpen ben. ‘En wat vind je typisch Nederlands?’ Het calvinisme wat hier heerst, was wel een cultuurshock, vertelt ze en vult aan, ‘doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg.’ Ze geeft een ander voorbeeld aan de hand van eten. In Nederland zijn de porties vaak minimaal, er is nét genoeg, terwijl er in België altijd iets over is. Als we het even later over hobbies hebben, verbaast het me niet dat koken naast lezen een van haar geliefde bezigheden is. ‘Ik ben een echte Belg, je mag mij ’s nachts wakker maken voor patat met mayonaise’, en ze verhaalt met enthousiasme over heerlijke mosselgerechten en caracollen.

De liefde heeft haar naar Nederland gebracht. Toen ze vierentwintig was leerde ze een Nederlandse man kennen, ze werden verliefd en vier maanden later woonden ze samen, uiteindelijk kregen ze drie zoons. In 2001 kwam er een eind aan het huwelijk. Een tijd daarna kwam ze ‘een man van weinig woorden’ tegen op de Leidse universiteit waar ze een avondstudie volgde. Inmiddels zijn ze alweer acht jaar gelukkig met elkaar. Wat vind je het allerleukste aan hem, vraag ik. ‘Dat ik niets hoef te zeggen, dat hij mij vooral mogelijkheden geeft zonder daar verwachtingen aan te verbinden. ik kan altijd mezelf zijn, hij geeft me rust. We vullen elkaar ook aan, hebben veel gemeenschappelijke interesses en houden van dezelfde soort films.’ Ik ben benieuwd hoe hij eruitziet, op dat moment weet ik nog niet dat ik hem aan het einde van de middag zal ontmoeten. Hij heeft rood haar, licht ze een tip van de sluier op.

Na de geboorte van haar derde kind is ze Engelse taal- en letterkunde gaan studeren. Toen ze na twee jaar haar studie en gezin ook nog combineerde met het student-assistentschap brak er een heel drukke periode aan. Ze praat met passie over het lesgeven aan studenten: ‘De eerste keer dat ik voor de klas stond, had ik het gevoel dat ik thuiskwam.’ In 2006, een half jaar voor haar afstuderen, werd er plotseling leukemie geconstateerd. Wat toen volgde was een zware tijd waarin ze chemo, bestraling en een stamceltransplantatie onderging. Negen maanden later sloeg de ziekte weer toe, nu werd als laatste redmiddel een zwaardere chemobehandeling gevolgd door een donorstamceltransplantatie ingezet. Het was een zeer heftige periode, waarbij ze meer in het ziekenhuis lag dan daarbuiten. ‘De echte hel zit in je hoofd’, ze vertelt over de zorgen die ze had over haar drie kinderen, echtgenoot en bejaarde ouders. Toch heeft ze de hoop nooit opgegeven en geniet nu nog intenser van haar gezin.

In 2009 krijgt ze een parttime baan in het voortgezet onderwijs. Al vond ze het ook leuk om les te geven aan 1-5 havo-, vwo- en gymnasiumleerlingen, toch is er voor haar wel een groot verschil tussen het lesgeven aan gemotiveerde studenten en verveelde, steeds minder cultureel onderlegde leerlingen. Het afgelopen jaar heeft ze ook nog haar scriptie weten af te maken. Inmiddels is ze leukemievrij, maar als gevolg van de transplantatie van donorcellen heeft ze een chronische vorm van graft versus host op de longen opgelopen. Daardoor moest ze stoppen met werken. Huisvrouw zijn bevalt haar goed, ze houdt van huiselijkheid en is zorgzaam van nature. Vandaag is ze voor het eerst in lange tijd weer buiten. ‘Je hebt me even uit m’n cocon getrokken’, zegt ze met een glimlach.

Als ik over politiek begin, zie ik haar strijdlust weer oplaaien. ‘Iedereen kan op een trampoline springen volgens Rutte, toen ik dat hoorde dacht ik meteen: nou ik niet.‘ Ze vindt het belangrijk om niet cynisch te worden, om solidair te willen zijn. ‘Dan merk ik dat ik het linkse hart van m’n oma heb.’ Ze begint vervolgens over Wikileaks, dat Verhagen en Rutte druk hebben uitgeoefend op de VS om Bos onder druk te zetten. ‘En dat noemt zichzelf integer’, zegt ze fel. Nu we het toch over politici hebben wil ik weleens weten wie een positieve indruk op haar gemaakt heeft en wie niet. Minst favoriet zijn Henk Bleker en Mark Rutte. Favoriet zijn Jan Marijnissen en Bart de Wever, de eerste omdat hij anderen in hun waarde liet en op een duidelijke manier in de politiek stond, de laatste omdat ze het een opluchting vindt dat er eindelijk iemand in België is die spijkers met koppen wil slaan.

Haar muzieksmaak is breed, ze houdt van klassiek waaronder barokmuziek van Henry Purcell, luistert graag naar Bruce Springsteen en Billie Holiday, maar ook een nummer als Gettin’ over you van David Guetta, wat haar kinderen erg leuk vinden, kan ze waarderen. Haar favoriete tv-programma’s zijn onder andere ‘Lewis’, ‘De wereld draait door’, ‘De slimste mens ter wereld’ op Canvas en ‘Michel Roux’s Service’ op de BBC. Daarnaast vindt ze het heerlijk om samen op de bank met man en kinderen naar ‘Glee’ te kijken. Haar lievelingsfilms zijn ‘The usual suspects’, ‘Tous les matins du monde’ en last but not least ‘Pan’s labyrinth’. Op haar nachtkastje ligt momenteel ‘The imperfectionists’ van Tom Rachman, andere boeken die indruk hebben gemaakt zijn ‘A prayer for Owen Meany’ van John Irving en Salman Rushdie’s ‘Midnight’s children’.

‘Welke blogger zou jij kiezen als je deze serie maakte?’ De naam Hippocampi valt, omdat ze hem erg genuanceerd vindt, een verademing op het blog. Inmiddels is het veel later geworden dan we dachten en ze belt haar man op om haar te komen halen. Kort daarna loopt hij, sympathiek gezicht, in gezelschap van zoonlief met krullen en onweerstaanbare glimlach De Zalm binnen. Ook aan hem vraag ik wat hij het allerleukste vindt aan z’n partner. ‘Hiraeth is iemand met een open en ongespeelde intensiteit. Haar spreken gaat ergens over, ze staat voor wat ze voelt en denkt. Ze is de corazon in mijn bestaan.’ Nadat we samen nog iets gedronken hebben, nemen we afscheid. Met de ontmoeting en het verhaal nog vers in m’n hoofd slenter ik over de inmiddels in halfschemer gedompelde grachten terug naar het station. Onderweg koop ik nog gauw een paar strassbellen bij De Oorbel, alleen al de naam lokte me naar binnen.
Marjelle

Hiraeth verlangen om weer thuis te komen

Hiraeth
draait:
Elbow

Beeld van een blogger (10) – Apies kijken?

Eerder verschenen in deze serie:
Beeld van een blogger (1) – Kuzz voor Guzz
Beeld van een blogger (2) – Gewoon gelul, Trektocht!
Beeld van een blogger (3) – Back to where I once belonged met Annelies!
Beeld van een blogger (4) – Op z’n Rotterdams met Marius!
Beeld van een blogger (5) – So what, man!
Beeld van een blogger (6) – He blew me away!
Beeld van een blogger (7) – Kiezels in m’n schoenen
Beeld van een blogger (8) – Tweestemmig met Geroma!
Beeld van een blogger (9) – Met Henk op het Binnenhofplein

(10)
Eén dag voordat het bericht
dat het VK-blog per 1 maart ophoudt te bestaan in m’n mailbox belandt heb ik een afspraak met Apiedapie, m’n tiende blogger in beeld. Op dat moment weet ik nog van niks en fiets gehaast door de regen naar Floor waar we om 13:00 uur hebben afgesproken. Nadat ik eerst de verkeerde man heb aangeklampt, hoor ik opeens m’n mobieltje overgaan en zie vanuit een ooghoek iemand aan de overkant zitten met een telefoon aan z’n oor. Ik gebaar dat ik het ben en hij loopt naar me toe, een tengere man, casual gekleed, in de verte doet-ie me aan Harry van Bommel denken. Hij geeft me een zoen en kijkt me vervolgens met z’n bruine ogen aandachtig aan. Vanaf dat moment beginnen we te praten en zullen daar pas rond 19:00 uur mee stoppen zoals later blijkt.

Wat me meteen opvalt is z’n gevoel voor humor, z’n snelle manier van praten en denken, het plagerige over en weer, dingen die ik bij de meeste mensen mis de afgelopen jaren. Ik moet glimlachen als hij op een gegeven moment vol overgave zegt ‘en het is allemaal jouw schuld’, het doet me aan iemand anders denken die dat ook vaker zei. ‘Klopt’, grinnik ik, ‘alles is altijd mijn schuld’. Humor is zo belangrijk tussen mensen. We springen allebei van de hak op de tak, slaan zijwegen in waardoor we op een bepaald moment zelf niet eens meer weten wat we eigenlijk wilden vertellen. Ik voorzie dat het nog een hele klus zal worden om ook deze keer uit m’n aantekeningen wijs te worden, al probeer ik er wel enige lijn in te krijgen en hem af en toe bij de les te houden, echt succesvol zijn die pogingen niet.



Na een studie aan de Erasmusuniversiteit, waar ik zelf nog een blauwe maandag rechten gestudeerd heb, werkt hij bij verschillende ministeries in Den Haag, wat hij jarenlang met veel plezier doet. Het zijn minder stoffige functies dan de naam en omgeving wellicht doen vermoeden, hij vond het vooral leuk om speeches voor ministers te schrijven. Welke minister is je het meest bijgebleven, informeer ik. ‘Hans Alders, omdat hij heel erg zichzelf was’. Op een gegeven moment is er de mogelijkheid om als diplomaat bij de VN te komen, een kans die hij met beide handen aangrijpt, het eerste land waar hij naar uitgezonden wordt is Frankrijk. De essentie van z’n werk is zoals hij het samenvat ‘om goede dingetjes die het ene land doet te laten zien aan andere landen en dan te zeggen “hé, is dat niks voor jou, daar werkt het”‘.

Apiedapie, wereldburger, hij heeft behalve in Nederland onder andere een aantal jaar in Parijs en op verschillende plaatsen in New England gewoond, is de halve aardbol over gereisd, deels werk, deels plezier. Sinds een jaar heeft hij een idyllisch onderkomen, hij laat me foto’s van zijn huis zien. Ik ben meteen verliefd, het is het uitzicht waar ik vaker van gedroomd heb, wakker worden met de zee aan je voeten. Hij heeft het erg naar zijn zin in de Verenigde Staten, vertelt hij, de vrijheid, grote bakken koffie en geringe sociale controle spreken hem aan. Wel mist hij de Nederlandse nasigoreng en beginnen z’n ogen te glimmen bij het woord Brinta. Momenteel is hij net terug uit Parijs waar hij vrienden heeft bezocht, op de teller van z’n huurauto staat ruim 3000 km, hij heeft wat afgereden de afgelopen twee vakantieweken. ‘Almost the American way’, denk ik.

Toen hij twaalf was wilde hij bioloog-in-het-veld worden, hij was het soort jongetje dat salamanders ving en in potten stopte om vervolgens z’n buit aan een nader onderzoek te onderwerpen. Z’n lievelingsdieren zijn overigens geen apen wat je wel zou verwachten met zo’n nick, maar dolfijnen, zeearenden en olifanten, die laatste heeft hij ook in het wild gezien in India. Fantastisch lijkt me dat om zulke dieren van dichtbij te kunnen bewonderen in hun natuurlijke habitat. Hij vertelt over de voorliefde van z’n moeder voor olifanten en over de laatste keer dat ze samen in Blijdorp waren. Ze wilde net als de kinderen op de rug van een olifant rijden en riep enthousiast ‘dat heb ik nou altijd willen doen’. Toen ze twee weken daarna plotseling overleed, heeft hij alles in het werk gesteld om de foto die van hen beiden bij de ingang was gemaakt te traceren. Gelukkig was het negatief er nog en de foto vormt een dierbare herinnering aan een mooie dag samen.

‘Wanneer ben je met schrijven begonnen?’ Hij antwoordt dat hij de smaak te pakken kreeg op de middelbare school, hij koos altijd de meest poëtische opsteltitel en leefde zich uit op papier. Soms moest hij een opstel voorlezen ten overstaan van de hele klas, iets wat hij vreselijk vond. Eén keer verzuchtte de leraar, ‘het is alsof je Bomans hoort’, dat soort commentaar maakte hem niet echt geliefd bij z’n klasgenoten. Zijn studie combineerde hij later met het parttime redacteurschap voor Quod Novum, daarnaast schreef hij af en toe voor de NRC. Bij die krant is ook z’n ‘blogcarrière’ gestart, in 2008 produceerde hij zijn eerste ik-je. Hij vertelt me dat op Drasties, de site waar hij in datzelfde jaar is begonnen als Apiedapie, ook het hikje staat, de tegenhanger ervan, als hij vervolgens ook nog over een tikje begint raak ik het spoor bijster. In oktober is hij bij het Volkskrantblog terechtgekomen. Op de vraag wie hij zou kiezen als hij deze serie zou maken, zegt hij StadsfotograafVelsen.

Behalve van schrijven houdt hij van hardlopen, zwemmen, wandelen en de natuur. Favoriete films zijn ‘The Deer Hunter’, ‘Ghost’, ‘National Lampoon’s Christmas vacation’ en ‘Je vous trouve très beau’. We houden allebei van programma’s als ‘Ik vertrek’, daarnaast kijkt hij ook naar ‘De wereld draait door’ en ‘Pauw & Witteman’. Wat muzikale voorkeuren betreft neemt John Lennon een speciale plek in, verder luistert hij graag naar Sheryl Crow, blues, fado en Garou. Het gesprek komt weer op Nederland, er is een kans dat hij dit jaar nog teruggaat en ook zelf het roer omgooit. De politiek heeft hem altijd aangetrokken, hij droomt ervan om een tegenwicht aan Wilders te bieden als ‘een moderne, sexy Cohen’. Toespraken houden is hij gewend en ook voor urenlange vergaderingen draait hij z’n hand niet om, hij heeft zitvlees gekregen tijdens de jaren bij de VN.

‘Nu hebben we wel zo’n beetje alles gehad, hé’, zegt hij grijnzend. ‘We hebben het helemaal nog niet over vrouwen gehad’, sputter ik tegen. ‘Het is wel een beetje een clichévraag, maar dat maakt niet uit’, bepaal ik met m’n liefste glimlach, ‘wat is voor jou essentieel in een vrouw?’ Zonder na te denken, noemt hij: sterke persoonlijkheid, initiatiefrijk, niet volgzaam, geen slachtofferrol, verrassend, humoristisch, positief-optimistisch, levenslustig en last but not least ‘iemand die zich niet laat domineren door mij’. Bij dat laatste kan ik me wel iets voorstellen, deze leeuw vertoont zeker dominante trekjes. De genoemde eigenschappen spreken me wel aan, het is in grote lijnen datgene wat ik in een man wil naast intelligentie, tederheid en empathie.

Momenteel is hij weer vrijgezel na een aantal lange relaties. Zijn eerste serieuze relatie was met een Rotterdamse – hij heeft ook nog steeds een zwak voor deze stad – en de laatste met een buitenlandse vrouw waarmee hij ook een zoon heeft. Hij laat me een paar foto’s van hem zien, Apieknapie, een lieve Hollandse jongen van elf. Wat vind je het leukste aan het vrijgezellenbestaan, vraag ik. ‘De vrijheid, jezelf zijn, dat je niet beperkt bent in je vriendschappen’. Op dat moment komt een aardige jongen met het verzoek of we aan de bar willen plaatsnemen. We hebben zo lang aan hetzelfde tafeltje gezeten dat ze het nodig hebben voor dinergasten. Het laatste glas wijn drinken we iets sneller dan het vorige, zijn zoon wacht en ik moet nog dat hele eind door de stromende regen naar huis fietsen. We nemen hartelijk afscheid. Eenmaal thuis trek ik snel m’n doornatte kleren uit en spring onder de douche, vijftien minuten lang schuil ik onder de hete straal in een poging warm te worden.
Marjelle

Apie draait:
VV Brown

Beeld van een blogger (9) – Met Henk op het Binnenhofplein

Eerder verschenen in deze serie:
Beeld van een blogger (1) – Kuzz voor Guzz
Beeld van een blogger (2) – Gewoon gelul, Trektocht!
Beeld van een blogger (3) – Back to where I once belonged met Annelies!
Beeld van een blogger (4) – Op z’n Rotterdams met Marius!
Beeld van een blogger (5) – So what, man!
Beeld van een blogger (6) – He blew me away!
Beeld van een blogger (7) – Kiezels in m’n schoenen
Beeld van een blogger (8) – Tweestemmig met Geroma!

(9)
Als het de dag voor mijn afspraak met Henk
opeens in m’n schouder schiet, sta ik op het punt om af te bellen. Na een aantal uren slaap en een pijnstiller besluit ik toch de gok te wagen en naar Den Haag af te reizen. Vergeleken met de 2½ uur reistijd vorige keer naar Maastricht zijn 24 treinminuten een peulenschil. Op het perron kijkt een vriendelijke man met grijs haar en dito baardje me vragend aan, ik herken hem van de foto en glimlach bevestigend. In het druilerige weer lopen we even later langs bouwputten en zandhopen door naar Het Plein waar ik nog even gauw een paar foto’s maak voordat we De Haagsche Kluis binnenstappen. Het is er lekker warm en rustig, we hebben de zaak bijna voor ons alleen. Onderweg heeft hij me al iets verteld over z’n twee dochters van 38 en 35 die heel belangrijk voor hem zijn, hij praat vol liefde over ze.

Bij een espresso en een kop thee passeren de kleinkinderen de revue, hij laat me trots een aantal foto’s zien en vertelt over die zware periode in 2007 toen zijn eerste kleinkind te vroeg geboren werd, diezelfde nacht nog een hartstilstand kreeg en in het ziekenhuis moest worden opgenomen. Hij praat zacht en snel, ik heb moeite hem bij te houden op papier, maar wil niet steeds het gesprek onderbreken met vragen. Het verhaal springt van werk – een jaar nadat hij zijn diploma Brandwacht tweede klas behaalde begon hij als machine-operator bij de ANWB – naar de liefde. Als op z’n negentiende een eind komt aan zijn relatie en hij verteerd wordt door liefdesverdriet besluit hij naar Canada te emigreren. Zijn toenmalige chef die hij als een soort van tweede vader beschouwde, zei bij z’n vertrek ‘ik verwacht je binnenkort weer terug, neem dan wel een fles Canadian Club voor me mee’. Die woorden werden al snel bewaarheid, eenmaal in Calgary greep hij er net naast qua werk, ‘het was een kwestie van verpauperen of teruggaan’.



Een maand later zette hij weer voet
op Nederlandse bodem. Gelukkig kon hij bij z’n oude werkgever terecht, van machine- en vervolgens computer-operator ging hij zich allengs meer op de gebruikerskant richten, hij redigeerde reisgidsen en gaf later ook lessen tekstverwerking. Na een reorganisatie volgden er een aantal grafische cursussen, hij noemt zichzelf ‘een techneut die altijd wil weten hoe dingen werken’. Ook na de tweede reorganisatie bleef hij werken bij de ANWB, in de avonduren studeerde hij rechten en kwam vervolgens op de beleidsafdeling terecht. De laatste jaren hield hij zich vooral bezig met verkeersonderzoek. Hij was inmiddels stafmedewerker en leerde met name in die periode snel kamerstukken door te lezen en teksten te screenen op hun essentie. Standaard ondertekende hij zijn artikelen met ‘MVA‘, niemand vroeg hem ooit wat dat betekende, pas op de laatste werkdag werd duidelijk waar het voor stond. Toen hij op z’n 61ste met de vut ging, werd hij redacteur bij de Nieuwe Loosduinse krant, met die werkzaamheden is hij vorig jaar april gestopt.


In 1965 ontmoette hij zijn eerste vrouw, M., tijdens dansles. ‘Kun je goed dansen?’ vraag ik. Hij glimlacht, ‘ach, af en toe struikel je de goede kant op’. Toen ze vijftien jaar getrouwd waren brak er een moeilijke periode aan die jarenlang zou duren, na een initiële ontkenningsfase bleek zijn vrouw uiteindelijk toch meer van vrouwen te houden. Ruim dertig jaar nadat ze elkaar het jawoord hadden gegeven, koos zij definitief voor een vrouw en een jaar later werd de scheiding uitgesproken. Hij heeft er het volgende adagium aan overgehouden, ‘mensen kunnen niet kiezen voor hun geaardheid, wel hoe ze ermee omgaan en hoe ze met anderen omgaan’. Naast verdriet over het mislukken van zijn huwelijk is er ook een nieuw verworven gevoel van vrijheid, hij gaat voor het eerst weer daten en merkt dat hij best nog wel in trek is bij de vrouwen.

Een paar jaar later komt hij C. tegen. De vrouw  van z’n beste vriend had een soort van blind date geregeld, eigenlijk niets voor hem, maar hij besluit er toch in mee te gaan. Als die bewuste avond de deur opengaat en hij in haar helderblauwe ogen kijkt, weet hij één ding zeker, ‘die wil ik hebben!’ Inmiddels zijn ze al tien jaar gelukkig met elkaar. Ook Barney, een van de huwelijkscadeaus, hoort er helemaal bij. ‘Ik ben de gelukkigste man van de wereld’, zegt hij, en ik geloof hem. Van de liefde gaat het gesprek over op prozaïscher onderwerpen als films, boeken en tv-programma’s. Enthousiast begint hij te vertellen over de tv-serie Colditz, naar aanleiding daarvan heeft hij zo’n beetje alles gelezen over de tweede wereldoorlog waaronder de complete memoires van Winston Churchill. Andere favoriete boeken zijn ‘In Europa’ van Geert Mak en ‘Millennium trilogie’ van Stieg Larsson.

Het meest geraakt werd hij door ‘Tranen van de krokodil’ van Piet Vroon. ‘Het was het eerste boek dat ik niet in een keer uitgelezen heb’, zegt hij. Net als ik houdt hij van de Engelse detectiveserie ‘Inspector Morse’, verder kijkt hij graag naar ‘Dalziel and Pascoe’. Een paar van zijn lievelingsfilms zijn ‘Some like it hot’ en ‘Seven years in Tibet’.  Hij heeft niet alleen een brede muzieksmaak, van de Beatles, Lynyrd Skynyrd, Alison Krauss en de Dixie Chicks tot Jackson Browne, hij houdt ook van muziek máken. Vroeger speelde hij in de band Delicia, de laatste tijd is hij het gitaarspelen weer aan het oppakken. Daarnaast is hij dol op motorrijden en lid van theatergroep Mimicri, iets waar hij samen met z’n vrouw veel plezier aan beleeft, de mensen van de toneelvereniging  zijn zelfs in korte tijd echte vrienden geworden. Op de vraag wie hij als eerste zou kiezen als hij deze serie zou doen, antwoordt hij meteen ‘Gus Bolden’. Inmiddels is het buiten donker, we lopen de kou in en ik neem afscheid met de belofte dat ik bij mooier weer graag op zijn uitnodiging inga om samen met z’n vrouw in Kijkduin te gaan eten.
Marjelle

Henk van Loon draait:
Leonard Cohen

Foto Barney: Henk

Beeld van een blogger (8) – Tweestemmig met Geroma!

Eerder verschenen in deze serie:
Beeld van een blogger (1) – Kuzz voor Guzz
Beeld van een blogger (2) – Gewoon gelul, Trektocht!
Beeld van een blogger (3) – Back to where I once belonged met Annelies!
Beeld van een blogger (4) – Op z’n Rotterdams met Marius!
Beeld van een blogger (5) – So what, man!
Beeld van een blogger (6) – He blew me away!
Beeld van een blogger (7) – Kiezels in m’n schoenen

(8)
M’n afspraak met Geroma
brengt me op een herfstige vrijdagmiddag in Ermelo. Het plan om naar de Schaapskooi te gaan hebben we laten varen, je kunt nu eenmaal niet alles in een paar uur proppen, de schaapjes moeten nog even wachten. Als ik over het perron loop zie ik aan de overkant een flinke bos haar boven een auto uitsteken, dat kan niet missen en ik zwaai enthousiast. Vanaf de eerste minuut beginnen we te praten, beiden druk, een beetje chaotisch en lacherig, onze woorden buitelen af en toe over elkaar heen. Voordat we naar haar huis gaan, drinken we onderweg nog wat bij De Schout van Ermel waar ik ook getrakteerd word op een warme panini. Ze vertelt dat Geroma een samentrekking is van Ger, de eerste letters van de naam van haar vriend, Ro, de beginletters van de naam van haar jongste dochter en Ma, die van haar oudste dochter. Ook ‘oma’ zit erin, ze heeft inmiddels twee kleinkinderen, het derde kan elk moment geboren worden.

Bruinverbrand, net terug van een heerlijke vakantie in Portugal moet ze nog erg aan de lagere temperaturen hier wennen. Het was rond de 24°C in Almancil, lekker weer om te zwemmen. Een hobby van haar, vroeger deed ze het twee keer per week, baantjes trekken puur voor de lol. Ze is net als ik een waterteken en houdt van strand en zee. Ook joggen heeft ze jarenlang gedaan, totdat haar enkel roet in het eten gooide. Inmiddels gaat het na de operatie van mei dit jaar gelukkig weer een stuk beter. Ze vertelt over Tónárd, haar samenwerkingsverband met Lebonton, hoe leuk het is wanneer bloggers elkaar kunnen inspireren.

Eenmaal thuis in haar knusse woning verscholen in het groen vraagt ze of ik er bezwaar tegen heb als ze een sigaret opsteekt. ‘Ga je gang, hoor’. Na haar scheiding tien jaar geleden is ze meer gaan roken, vertelt ze. Ik vraag waar ze het meest aan moest wennen toen ze plotseling weer alleen woonde. ‘Thuiskomen in een huis waar niemand op je wacht, maar ook de stilte om me heen vond ik confronterend’. In die tijd probeerde ze zoveel mogelijk afleiding te vinden. Inmiddels is ze eraan gewend om af en toe alleen te zijn, bovendien zit ze nu in een heel andere situatie. De afgelopen zes jaar heeft ze een intense lat-relatie met Gerrit, elk weekend zijn ze samen en doordeweeks skypen ze voor het slapengaan.

Via Lexa hebben ze elkaar leren kennen, wat haar aantrok in zijn profiel was dat hij ook van niet-alledaagse dingen hield zoals wandelen bij windkracht 10, wroeten in de aarde, het Oerol-festival, anderzijds zag hij haar ook zitten getuige z’n berichtje ‘met jou zou ik wel een beschuitje willen eten’. Toen ze aan de telefoon zijn rustige, mannelijke stem hoorde, was ze blij verrast. Een stem is heel belangrijk, vindt ze, het zegt veel over iemand. Ik herken dat gevoel en zou dan ook nooit kunnen vallen op iemand met een vervelende stem. Naar aanleiding van haar blog ‘Latten’ werd ze door een redactrice van Libelle uitgenodigd voor een interview, een bijzonder leuke ervaring.

Het gesprek springt van latten naar boeken, films en muziek. ‘Eten bidden beminnen’ van Elizabeth Gilbert is het eerste boek dat in haar opkomt, ‘Mam, ik bel je zo terug’ van Wanda Beemsterboer-Avenarius ligt nu op haar nachtkastje. De film ‘As it is in heaven’ heeft indruk gemaakt, net als ‘De storm’ en ‘Komt een vrouw bij de dokter’ met Carice van Houten, maar ook ‘The sound of music’ die ze als achtjarig meisje voor het eerst zag heeft een onuitwisbare indruk achtergelaten. Naar programma’s als ‘The voice of Holland’ kijkt ze net als ik met veel plezier. Haar muzieksmaak is breed, van Queen, Karl Jenkins, Libera en Pink Floyd tot Anglicaanse koren en klassieke muziek. Ze zingt graag, is al een aantal jaar werkzaam als zangcoach en heeft vorig jaar ook geauditeerd voor Una voce particolara. Ze moest toen voorzingen onder het toeziend oog van een jury van vier waaronder Ernst Daniël Smid. Het was een onvergetelijke happening die haar zangontwikkeling gestimuleerd heeft en resulteerde in het maken van een demo.

Als ik een paar foto’s genomen heb met m’n trouwe en eenvoudige Kodak-camera laat ze me haar imposante Sony F828 zien waarmee ze onder andere bruidsreportages en portretfoto’s gemaakt heeft. Een aantal hangt ingelijst aan de muur, andere komen tot leven in mooi vormgegeven fotoboeken. We praten verder over haar lat-relatie met Gerrit, voor hem is het de ideale situatie na twee huwelijken, voor haar ligt dat iets anders. Al hebben ze het momenteel heel fijn met z’n tweeën, toch ziet ze zichzelf niet haar hele leven latten, ‘het is net niet helemaal voor het echie’. Van Gerrit komt het gesprek op zingen, ik vraag wanneer ze daarmee is begonnen. Vanaf haar vierde zat ze al in een kinderkoor, daarna in een jeugdkoor en vervolgens in een gemengd koor. Toen ze op haar negentiende verhuisde van Moerkapelle naar Ermelo kwam ze bij een kamerkoor terecht.

Zang is haar passie, ze heeft jarenlang onder andere privéles gehad van Annemarie Ezinga en Talitha Nawijn, twee vrouwen die haar zeer geïnspireerd hebben. Een bijzondere ervaring was ook de week in Papendal met het Eurokoor, met als hoogtepunt het ‘Requiem’ van de componist Andrew Lloyd Webber. Na haar scheiding werd ze voor het eerst anderhalf jaar koorloos. Toen haar dochter vroeg of ze bij haar huwelijk wilde zingen, begon het idee te rijpen om bij (t)rouwdiensten op te treden. De laatste vijf jaar maakt ze deel uit van Duo ‘Momentum’, daarnaast heeft ze een parttime baan in de thuiszorg en werkt ze sinds 1998 als freelance correspondent. Nadat ik op de valreep nog een mini-zangles gekregen heb, eindigen we met Hallelujah. ‘Wat is zingen toch lekker’, denk ik, en neem me voor binnenkort weer op korenjacht te gaan.
Marjelle

Geroma draait:
Helen Sjöholm